Grappige gedichtjes en limericks
Een gesjeesde student uit Bruinisse,
Keek mistroostig neer op de vissen,  
En dacht, inderdaad,
Zij hebben een graat,
Welke ik in de toekomst moet missen.
Een profvoetbalspeler uit Wenen,
Verzekerde zijn beide benen,
Voor vreselijk veel poen,
Per been een miljoen
Nu mag hij alleen nog maar trainen
Een gelovige Belg uit Oostmalle,
Raakte eens verzeild op de wallen,
Hij zei tegen zo'n blondje,
Ja voor zo'n lekker kontje,
Laat ik mijn geloof even vallen.
Een vliegende heks uit Hannover,
Noodlande op de ferry naar Dover.
Ze zei toen heel steels,
Houd dit kreng in de rails,
Anders geef ik de hele reis over.
Een bijt grage Pitbull uit Aken,
Had last van de klem in zijn kaken.
Het klinkt heel banaal ,
Zei Sidder de aal,
Maar die kortsluiting ga ik even maken.
De plaats Middenbeemster,
ligt midden in de Beemster.
Ja, want wanneer dat anders zat,
Had die plaats wel een andere naam gehad!
Wanneer de mensen inderdaad zo waren,
Zoals ze beweerden te zijn,
Was de kans op vrede heel groot,
En die van een oorlog heel klein.
Mijn vrouw ze liep er weer eens in.
Ze gaf een gil bij het zien van een spin,
Ze gilde te vroeg want ze zag te laat,
Haar spin was het kroontje van een tomaat!.
Mijn rijzige tante uit Laren,
Kon simpel haar kuisheid bewaren.
Want haar snor en haar baard,
Groeiden met zo een vaart,
Dat geen man haar zijn lief kwam verklaren.
Mariëlla een Franse matrone,
Zwom eens op haar rug in de Rhone.
Een fransoos draaide vlug,
Heel snel open de brug .
En redde zo haar erotische zone.
Marijke een poets grage dame,
Was bezig met het lappen van ramen,
Een pastoor zag gezwind,
Hoe haar rok door de wind,
Alles toonde en zei vredig "amen".
Marianne een schone uit Dordrecht,
Waarvan de pastoor het zelfs zo zegt,
Als ik haar zie gaan,
Gaat er zo maar wat staan,
Wat normaal als voor dood in mijn broek legt.
Woord spelingen

Wat zei de overdreven beleefde muurschilder tegen de muur toen hij even ging lunchen........
Ik kalkulaterwel!
Zeg, heb jij wel eens een klap voor je kanis gehad van een Vis??
Rare vraag zeg je......
Dat moet je niet zeggen hoor...
Want een Haring-slaatje en een Zalm-slaatje
Een dame met sproeten en wratten,
Had genoeg van dat spotten en katten.
Ze besloot toen spontaan ,
Om op Judo te gaan,
Nu zie je haar alleen nog maar "matten".
Een Spaanse signora uit Beverwijk,
Zei, wanneer ik zo zwoel naar de mannen kijk.
Zie ik als eerste reactie,
Een zichtbaar sexistische actie,
Waarvoor ik met liefde bezwijk
Een geitenkaas boer uit Katwoude,
Die alleen op goede zeden vertrouwde,
Kleedde zijn geit en zijn bok,
In een broek en een rok,
En stond er zelfs op dat ze trouwden.
Een boomlange Griek uit Athene,
Bezat ongewoon elastische benen.
Het klinkt wel heel raar,
Maar met dat soepele paar,
Liep hij de Marathon uit..... op zijn tenen.
Een parkeerwachter gedurende sail,
Dacht, verdomme ik verdien hier niet veel,
Als ik nou die parkeervandalen,
Aan mij hun boete 'contant' laat betalen
Is er geen hond die dan merkt dat ik steel.
Een Volendammer gekleed naar traditie ;
Sprak van alle vreemde talen wel ietsie,
Zo zei hij tegen een mof,
Deine frau finde ich tof,
Maar breng toch maar terug, "vaders fietsie"
Een zwaar opgemaakte 'temeier',
Had ruzie met haar beschermer en vrijer,
Zij schold hem verrot,
En nu is zijn lot,
Voor een wip betaalt hij nu een 'meier'.
Een doorsnee gezin uit Rocanje,
Vloog elk jaar opnieuw weer naar Spanje,
Pa... leste zijn dorst,
Ma verbrandde haar borst,
En een jaar "er weer tegen" dat kanje
Een geit en een lam uit Ilpendam,
Die dronken tevreden,
Al ging het heel traag,
Niet zo lang geleden,
Zich een stuk in de kraag.
Toen zeiden de mensen in Ilpendam...
Die lam is als "een geit" ,
en die geit......is lam.
Een grondzoenende jurkmans uit Rome,
Liet zijn jurk per vergissing eens stomen,
Bij een sneeuw witte Rus,
Het resultaat dat was dus ,
Dat hij knalrood terug is gekomen



Er woont een torretje in mijn bad,
Ik vraag me af hoe doet hij dat.
Na elk bad van mij in het water,
wandelt het torretje even later,
Van boven tot onder helemaal droog
Langs mijn badkuip wand omhoog.
Torretje met snorretje
IK zou hem heel graag vragen....Tor?
Hoe houd jij toch zo'n droge snor,
Maar een Tor die kan niet praten,
Dus kan ik dat, maar beter laten.
Ik laat hem rustig in mijn bad,
Voor z'n tweeën is er ruimte zat,
Gaat hij ooit weg, zal ik hem missen,
Want het is een hele frisse.
En laten we nu eerlijk zijn,
Ook al is hij een beetje klein,
Toch is het een stukje leven,
Eens door God aan hem gegeven,
Dus mijn lieve kleine 'Tor',
Met je veel te grote snor,
Blijf maar lekker wonen in mijn bad,
Ik zei het al...... er is ruimte zat.
Zonder enige pretenties, maar ik hoop op een glimlach van u.
Door Ad Bruynzeel
Terug naar keuze site
Terug naar home