29 Maart
Deel 8 Spaans benauwd
Stokstijf bleef hij staan en begreep niet wat er gebeurde, tot hij na een angstige seconde zekerheid kreeg. Vanaf het half opgeklapte bovenste bed hoorde hij zeggen
.. Zoek je mij soms? De man wilde opspringen maar voelde tegelijk een stuk gloeiend staal bij zijn sleutelbeen zijn schouder binnen dringen gepaard gaande met een enorme knal wat hem op slag doof maakte aan het linker oor. Alle kracht voelde hij uit zijn lichaam weg vloeien en bewusteloos zakte hij in elkaar.. Voorover viel hij met het hoofd op het stuurwiel en bleef daar doodstil hangen.
David liet zich lenig van het bovenste bed zakken en klom via de rug van de man naar beneden. Hij verloor geen minuut om gelijktijdig de zakken van de man leeg te halen en vond daarin nog een patroon houder en een portefeuille.
In de andere binnen zak zat een mobieltje en nog een kleine zaklantaarn in één van zijn broekzakken. Hij was er van overtuigd dat er nog een medeplichtige in de buurt moest zijn en keek zoekend om zich heen.
Dichtbij zag hij niemand, waarschijnlijk stond hij achter de trailer op de uitkijk concludeerde David. De grote man trok hij achterwaarts de cabine uit terwijl hij diens kop drie keer luid op de opstaptreden hoorde stuiteren.
Dat is drie keer scheepsrecht dacht hij cynisch. De man sloeg met zijn hoofd tegen de grond en kwam wonderwel toch weer bij. Hij probeerde David iets te zeggen maar die negeerde hem terwijl hij bezig was hem voor zijn truck te trekken.
De man keek angstig en ongelovig omhoog en begreep nauwelijks wat er met hem gebeurde. Toen hij probeerde op te staan lieten zijn benen hem hopeloos in de steek.
Na een vergeefse poging zakte hij weer terug en raakte opnieuw buiten bewustzijn
David pakte twee stevige taairips uit zijn zak waar hij de handen en voeten van de man mee boeide. Hij kon hem nu rustig achterlaten, die zal niet weglopen dacht hij en ging op zoek naar de tweede man. Hij sloop dezelfde weg langs de rotswand terug die de man op de heen weg zou hebben genomen en zag al snel dat er een wagen stond met daarin het silhouet van een man . Met een ruime omtrekkende beweging dook hij toen achter de wagen weer op. Hij zag dat de man verveeld naar buiten zat te kijken en niets in de gaten had. De beide ramen stonden open, ze waren wel erg zeker van hun zaak geweest dacht David. Totaal onverwachts verscheen hij naast het geopende portierraam en zei, 'hallo
.zoekt u mij misschien'? De man schrok enorm, greep impulsief naar zijn binnenzak maar voelde gelijk een koude loop tegen zijn slaap gedrukt. Ga gerust je gang hoor zei David dreigend, je maat ligt verderop zo dood als een pier al op je te wachten. Wat mij betreft mag je hem gerust gezelschap gaan houden.
De man begon te piepen als een jong katje en riep, nee nee niet schieten ik heb niets gedaan. Dat is Boris geweest, die heeft dat vrouwtje koud gemaakt, daar had ik niets mee te maken.
David drukte het pistool nog harder tegen zijn slaap en viste deskundig het pistool uit de binnenzak van de man.
Uitstappen stuk ongeluk beval hij terwijl hij het portier open trok. De man stapte angstig uit en was er van overtuigd dat zijn laatste uur geslagen had. David hield het pistool nog steeds tegen zijn slaap toen hij de zakken van de man leeg haalde. Hij haalde er een portefeuille en een mobieltje uit. Mooi dacht hij, hier staat zeker een schat aan informatie in.
Lopen beval David terwijl hij hem een por in de rug gaf en doe me een plezier, probeer te vluchten dat scheelt mij een hoop werk! Ze liepen terug naar de truck, maar het kwam niet bij de man op om te vluchten. Daar aangekomen pakte David de arm van de man, draaide deze op de rug en dwong hem met de knie op de grond te gaan liggen. De handen boeide hij, sleepte hem ook naar de voorkant van de truck en legde hem voor zijn linker voorwiel.
De chauffeur lag nog steeds bewusteloos voor het rechter voorwiel.
David trok zich niets aan van het gejammer en stapte rustig in zijn truck. Hij startte de motor en liet hem flink wat toeren draaien. De man die voor het wiel lag rolde met zijn ogen en was een hartaanval nabij. David liet de truck zachtjes vooruit kruipen tot de wielen de mannen raakten en vast drukten op de grond. Hij gaf nog één keer flink gas en stapte toen uit.
Er staat nu 50 ton staal te wachten om jouw darmen en ingewanden uit je lijf te persen meldde hij. De enige manier om dat te voorkomen is door mij haarfijn te vertellen wie jullie baas is en wie van jullie dat vrouwtje heeft vermoord in Portsmouth. Als je daar problemen mee hebt vind ik dat ook niet erg, dan stap ik in en rijd hier zonder blikken of blozen gewoon weg.
Dan zullen jullie nooit meer last van mij of van wie dan ook hebben hier in het ondermaanse, dus zeg het maar.
De kleine man die donders goed begreep dat hij geen keus had, bedacht zich geen moment en schreeuwde in doodsangst,'dat heeft hij gedaan, hij is een ziekelijke sadist.' De chauffeur kwam kreunend bij zijn positieven en keek niet begrijpend omhoog. Die andere schrok daar vreselijk van omdat hij dacht dat zijn maat al dood was. Hé kijk daar eens, een wederopstanding spotte David. Het zal niet voor lang zijn vrees ik, of wilde je me alsnog vertellen wie jouw baas was. De man werd asgrauw omdat hij besefte dat hij de naam niet kon geven omdat hij die eenvoudig niet wist. David die daar al een vermoeden van had besloot het op een andere manier te proberen en vroeg aan de man die zo juist bij gekomen was
. en Boris, weet jij ook niet wie je baas is en in wiens naam jij jonge vrouwen vermoord en meewerkt aan kinderverkrachting?
Val dood fluisterde de grote man en spuugde in David's richting. Je zult me eerst moeten vermoorden en dan nog zeg ik niets. David had daar allemaal geen zin in en zei tegen de kleine en jij, moet ik jou ook eerst vermoorden voordat je wat zegt, of blijf jij nog liever even leven. De man kreunde en stotterde, ik weet het echt niet ik zweer het je op alles wat me lief is. David liep naar de stuurkant van de truck en stapte in. Hij schakelde hem in de kruipstand en reed tien centimeter vooruit. Hij hoorde ze brullen van pijn en angst en zette de truck op de hand rem, daarna liep hij naar voren. De gezichten van de mannen waren twee witte vlekken in het vale maanlicht.
Heel even dachten ze dat hij werkelijk door zou rijden en dat hun laatste uur geslagen had. David torende hoog boven hun uit en zei nu dreigend, ik hoef eigenlijk niets meer van jullie te weten, wat ik zoek vind ik wel in jullie mobieltje, dit kost me allemaal veel te veel moeite. Opnieuw stapte hij in zijn truck en reed deze vijftien centimeter achteruit.
Daarna liep hij naar de kleinste man, trok deze bij het voorwiel vandaan en liet de grote liggen. Deze keek angstig omhoog, is er wat vroeg David, wat kijk je angstig. De man vloekte en deed een poging van het wiel weg te rollen wat hem niet lukte. Het schot in zijn schouder had hem te zeer uitgeput. David stapte opnieuw in zijn truck en reed tot verbijstering van de man over zijn onderbeen. De man brulde het uit en was toen ineens stil. Van pijn was hij opnieuw bewusteloos geraakt. David stapte uit en sleepte de bewusteloze man met zijn verbrijzelde benen weg voor zijn truck.
Zo zei David gevoelloos, dit is volgens mij veel beter voor de onze samenleving. In ieder geval beter dan het slappe gelul van zo'n hufterige advocaat die een zielig verhaal op gaat hangen over zijn moeilijke jeugd en dat soort shit. Nu zal hij er zijn leven lang aan herinnerd worden, waar hij dit aan te danken heeft. De andere man had als verlamd toegekeken en kon geen woord uit brengen.
Hij zag dat David een grote dolk had gepakt en op hem af kwam. Van angst piste hij spontaan in zijn broek en was er van overtuigd dat David hem nu de strot door zou snijden. Nog harder jammerde hij en kronkelde als een krokodil over de grond, maar David negeerde hem en liep naar de huurwagen die nog steeds achter de trailer stond. Hij reed deze tot naast zijn truck, stapte uit en prikte met de scherpe dolk alle vier de banden lek. Vervolgens sleepte hij de grote man naar de achterkant van de wagen en bond hem en ook de kleine man vast aan de trekhaak. en deed toen een paar stappen achteruit om zijn werk te bekijken.
Hij knikte tevreden, pakte een zwarte viltstift uit zijn truck en schreef met duidelijke blokletters op het witte dak van de Mercedes: Deze twee mensen worden in Engeland gezocht voor moord en kinderverkrachting, bel de politie Portsmouth Hij schreef het telefoonnummer er bij, maakte daarna de kofferbak van de Mercedes open en deponeerde de paspoorten die hij uit hun portefeuille had gehaald daarin .
De portefeuilles besloot hij zelf te houden om de kosten te dekken van een nieuw bed en slaapzak. Ook de beide pistolen hield hij in zijn bezit, je wist maar nooit.
Ik denk niet dat alles hiermee is afgelopen dacht hij nuchter integendeel, ik denk dat het nu pas goed gaat beginnen. Hij kon niet vermoeden hoe dicht dat bij de waarheid was.
Zonder verder om te kijken reed hij weg van de plaats des onheil.
Geen spijt
David begreep dat dit avontuur nog lang niet voorbij was en besloot in één keer door te rijden naar Gibraltar.
Nu maar even maling hebben aan die rijtijdenwet en zorgen dat ik zo gauw mogelijk in Engeland kom dacht hij.
De nacht was helder met hier en daar wat slierten nevel laag bij de grond .
Het was een sprookjesachtig landschap en door het half geopende raam kwam een koele luchtstroom binnen. David haalde diep adem en dacht na wat er de afgelopen uren gebeurd was. Eigenlijk ben ik geen haar beter dan die misdadigers dacht hij, maar toen hij dacht over het voor dood achtergelaten vrouwtje in Engeland en hoe ze zijn slaapzak hadden doorzeefd met de bedoeling hem te vermoorden, werd zijn geweten weer gesust en voelde hij geen greintje spijt.
Wie weet hoeveel slachtoffers er al zijn gevallen en nog hadden kunnen vallen door dat stelletje gestoorden!
Hij moest grinniken toen hij er aan dacht, dat het niet mee zou vallen om een moord te plegen vanuit een rolstoel en er dan als een speer vandoor te gaan.
Hij reed Malaga voorbij langs het vliegveld en kwam zo op de E 15 terecht richting Gibraltar en reed die nacht door tot de fabriek waar hij moest omkoppelen.
Daar liet hij de truck doorrollen tot aan de poort, kroop toen in zijn gehavende bed om vervolgens als een blok in slaap te vallen.
Gibraltar 07.00 uur.
David schrok wakker omdat er hard op zijn deur werd gebonsd en zag
op zijn tacho klok dat het 7 uur was.
Hij richtte zich op en zag een man met een zwarte pet op het hoofd door zijn zijraam kijken. Hij schrok omdat hij dacht dat het politie was maar toen hij wat beter keek zag hij dat het de portier van de fabriek was.
Oké riep hij de man toe, ik kom er uit. De man stak zijn duim op en David nam in zijn short plaats achter het stuur en startte de motor. De portier had de slagboom al omhoog om David door te laten.
Hij reed tot aan het vracht kantoor en fatsoeneerde zich eerst voor hij het kantoor binnen ging.
Het was niet de eerste keer dat hij hier kwam dus hij kende de weg.
5 minuten later liep hij al weer buiten met de wetenschap waar hij zijn trailer kon neerzetten en welke hij weer kon aanpikken. Hij reed de trailer achteruit de loskuil in en stapte uit om de deuren te openen. Daarna zette hij de trailer keurig tegen het losperron, koppelde hem af en reed met de losse trekker naar de andere reeds geladen twintig FT container waar dezelfde reclame van P&O op stond. Deze koppelde hij aan en controleerde de wielen en de verlichting.
Het zag er allemaal goed uit en hij besloot eerst een lekkere douche te nemen voor hij weer op pad ging.
Even het zweet van de afgelopen dagen er af schrobben.
De parkeerplaats
In de verte kleurde de hemel zich mooi rood met flarden geel en roze.
Een prachtig gezicht wat menige poëet er toe zou aanzetten een lyrisch gedicht te schrijven. Maar de twee mannen die aan de Mercedes waren vast gebonden, hadden daar geen boodschap aan. De grote lag al uren te kreunen van de pijn en raakte af en toe buiten bewustzijn. De andere man was dan weer bang dat hij dood was en probeerde hem dan heftig met zijn schouder wakker te duwen. Maar ook hij was uiteindelijk onrustige in slaap gevallen, totdat hij ruw werd wakker geschud door twee politie mannen.
Geschrokken keek hij op en was wonderwel blij dat ze überhaupt door iemand gevonden waren. Hij probeerde zijn maat wakker te porren met zijn schouder, maar die was al wakker en begon gelijk weer te kreunen. De politieman vroeg wat in het Spaans, wat de Engelsen uiteraard niet verstonden. Hij stuurde zijn collega naar de jeep om een ambulance bellen, want dat die nodig was kon zelfs een blinde zien. De grote man zag er beroerd uit en was op sterven na dood en moest dus zo snel mogelijk naar het hospitaal, maar ook de andere zag er niet écht fris uit.
Wat is hier in hemelsnaam gebeurd vroeg de agent opnieuw aan de mannen, maar deze haalden hun schouders met de vraag
spreekt u geen Engels. De agent reageerde geërgerd en zei, spreekt u geen Spaans.
U bevindt zich hier in Spanje en dat behoort nog steeds niet bij Engeland. Het was hem wel vaker gevraagd of hij Engels sprak en hij kon zich wel aardig redden, maar alleen als hij er zin in had en dat had hij nu even niet, vooral niet nadat hij de boodschap op het dak van de huurauto had ontcijferd, waar de woorden misdadigeren moord vet stonden geschreven. Hij liep naar de jeep om zijn mobilofoon te pakken en bracht uitgebreid rapport uit. Zijn collega die had meegeluisterd zei, wat er precies met deze mensen gebeurd is weet ik niet, maar dat het zaakje goed stinkt daar ben ik van overtuigd.
De agenten werden geroepen door de kleinste van de twee mannen en deze beduidde dat ze hem los moesten maken, maar de agenten die bij hun jeep stonden negeerden hem volkomen. De kleine Engelsman begreep er niets van, maar hij wist dan ook niet wat er op hun dak was geschreven. De mobilofoon meldde zich weer en de politie luisterde geïnteresseerd. De collega's op het bureau hadden contact opgenomen met het telefoonnummer in Portsmouth Daar vertelde men, dat de mannen zeer gevaarlijk waren en goed bewaakt moesten worden. Ze zouden zo snel mogelijk door de Engelse autoriteiten bij hun bureau worden opgehaald. Zo, zo we hebben twee smeerlappen te pakken, laat ze maar lekker zitten tot de ambulance komt. En zo werd dit hoofdstuk van deze twee criminelen afgesloten.
Nog lang niet van ze af
David die van deze ontwikkeling niets af wist, kwam met natte haren vanuit de fabriek naar buiten lopen. Hij naderde zijn trailer en zag aan de achterkant dat hij was vergeten zijn nummer plaat van de andere trailer af te halen. Meteen liep hij naar zijn afgekoppelde trailer en kroop onder het achterkalf om bij zijn nummer plaat te kunnen komen.
Zijn toilettas zette hij op het asfalt en begon in een nogal ongemakkelijke houding aan de klemmen te trekken om de plaat los te krijgen. Boven zijn hoofd hoorde hij twee mannen praten. Het waren er twee van het expeditie kantoor die de lading aan het controleren waren. Op het bureau werkten uitsluitend Engelse werknemers omdat het ook een Engelse firma was, zoals er zo velen waren in en rond Gibraltar.
David hoorde dat de ene man aan de andere vroeg, heb jij nog met die chauffeur gesproken? Nee ik niet zei de ander, de container stond er voor eer ik het in de gaten had
.wat dan? Nou eigenlijk niets bijzonders, maar ik kreeg van iemand uit Engeland een telefoontje die mij vroeg of die chauffeur hier al was geweest. Hij belde net op dat moment dat die chauffeur het terrein op kwam rijden. Ik vroeg nog of ik moest vragen hem terug bellen, maar dat hoefde niet. Ik denk dat hij hem zelf wel belt, want die chauffeur zal zelf ook wel een telefoon bij zich hebben. Ja wel drie dacht David bij zichzelf
...
De nummer plaat had hij inmiddels los gekregen en liep nadat hij zijn toilettas weer had opgepakt naar zijn trailer, klemde de nummerplaat op zijn plaats en liep weer naar voren.
Hier moet ik weg wezen dacht hij, ze zijn me weer op het spoor en een gewaarschuwd man telt voor twee !. Waar ik op moet letten is, wie of wat mij achtervolgd.
Hij voelde zich kwaad worden en mompelde in zichzelf, kom maar op kloothommels, ik lust jullie rauw Verdomme wat een smerige bende is dit, er zit volgens mij veel meer achter dan die foto alleen. Ik ben bang dat ik mijn hoofd in een wespennest heb gestoken en krijg het vermoeden met een soort maffia te doen te hebben die overal hun contacten hebben.
Toen hij 10 minuten later weer op de doorgaande weg reed richting Malaga, keek hij wat gerichter in zijn buitenspiegels. Het was tamelijk stil zodat hij het verkeer achter zich goed in de gaten kon houden. Alle luxe auto's die hem achterop kwamen haalden hem zonder moeite in. Ook wierp hij steeds een blik op de inzittenden.
Het waren over het algemeen gezinnetjes of een man, of een vrouw alleen dus tamelijk onschuldig. Hij kon zo redelijk goed in de gaten houden wie er voor of achter hem reden.
Zelf reed hij met een gangetje van zo'n 95 Km per uur. Bij de eerste bocht die hij op het terrein van de fabriek maakte had hij al gevoeld dat de trailer aardig door hing, waaruit hij de conclusie had getrokken dat de container zwaar geladen was. Hij had er de papieren op nagekeken en gezien dat er dik dertig ton in zat. Extra oppassen in de bochten en vooral in lange afdalingen besloot hij. De uren die volgden verliepen rustig en hij besloot terug te rijden over Granada en dan richting 'Bailén. Deze weg wilde hij uit proberen of hij goed te rijden was .
Op de heen weg was hij over Cordobagereden en via de N 331 naar het zuiden. Dat was een bergachtig gebied en de N 323 welke hij nu wilde proberen was ook bergachtig maar voor zijn gevoel een stuk korter. We zullen het zien dacht hij bij zichzelf. Hij besloot bij de volgende gelegenheid die zich aanbood de truck stil te zetten en een stevige maaltijd te nuttigen, daar was hij zo langzamerhand wel weer aan toe.
Die gelegenheid deed zich 14 KM voorbij Granada voor. Daar bevond zich een restaurant met een gigantische gevel vol reclame, wat vooral 's avonds ongetwijfeld deed vermoeden dat men hier met een soort kermis te maken had. Er bevond zich ook een klein benzine station bij en op de parkeerplaats stond een trailer geladen met een grote zeilboot.
David liet zijn truck rustig uitrollen en stopte naast de boottrailer. Aan het kenteken kon hij zien dat het een Hollander was. De chauffeur liep rond de trailer en was de spanbanden aan het controleren waar de boot mee vast was gezet. Het waren er slechts vier wat David verbaasde voor zo'n grote boot. Hij stapte uit en liep op de Hollander af. Ik hoop dat ik niet te veel stof heb doen opwaaien opende hij het gesprek. De Hollander keek op en David zag dat het niet zo'n jonkie was.
Nee hoor antwoordde hij je heb je keurig gedragen, ik zou wensen dat iedereen zoveel rekening met een ander hield. David knikte en liep met uitgestoken hand naar de man. David is de naam, de man pakte zijn hand en stelde zich voor als Jan. Oké Jan waar gaat de reis naar toe, vroeg David geïnteresseerd. Jan liep onderwijl hij praatte rond de trailer en controleerde de rest van de lading die bestond uit een lange mast die achter de trailer nog wel zo'n drie meter uitstak. Deze lag boven op de zeilboot op een hoogte van zo'n meter of vier.
Waar ik naar toe ga antwoordde Jan, ik ga met deze boot naar Oslo in Noorwegen en jij, waar ga jij naar toe met je container. Terug naar Engeland antwoordde David, Portsmouth om precies te zijn. Zeg, zullen we daar op een terras even wat gaan drinken stelde Jan voor, ik wil trouwens nog wat eten ook. Oké antwoordde David maar wacht, voor de zekerheid even mijn wagen afsluiten. Jan moest lachen, ben je bang dat er een plaatselijke boer met jouw spulletjes vandoor gaat. Nee dat niet zei David maar je weet nooit wat hier langs rijdt, ik ben liever voorzichtig. Even later zaten ze samen op het terras aan een tafeltje in de schaduw van een paar palmen.
Een serveerster vroeg wat ze wilden drinken. Doe mij maar een groot glas Cola en wat wil jij Jan, vroeg David de Hollander. Jan die buiten een oude Mercedes de parkeerplaats op zag rijden welke achter hun trailers verdween zei, doe mij ook maar een Cola en
signorita, kunnen wij hier ook een hapje eten ? Jazeker antwoordde zij, maar dat wordt alleen binnen geserveerd.
Oké zei Jan, dan komen we als we ons drankje op hebben naar binnen.
Hij keek David aan die instemmend knikte. Oslo hè zei David om het gesprek op gang te houden, dat duurt nog wel even voor je daar bent. Dat is zo antwoordde Jan, maar ik heb geen haast. Ik heb me mijn hele leven al moeten haasten en nu kan ik het eindelijk wat rustiger aan doen.
Hoezo vroeg David nieuwsgierig. Nou antwoordde Jan dat is een vreemd verhaal, maar het komt er in het kort op neer, dat ik nu de ritjes die ik leuk vind kan uitzoeken en waar ik zo lang over kan doen als ik zelf wil, uiteraard wel binnen het redelijke. Die Volvo daar is van mij en bijna nagel nieuw, na mijn VUT heb ik die aangeschaft . Zo zo kon dat zomaar, had je een hoofdprijs in de loterij gewonnen of zo. Nee antwoordde Jan, dat zit heel anders. Kijk ik bedenk mijn hele leven al spelletjes. Spelletjes
.herhaalde David verbaasd, ja spelletjes antwoordde Jan lachend, ik weet dat het misschien raar klinkt maar het is echt waar. Ik ontwerp spelletjes, meestal van hout en een fabrikant in Thailand maakt ze en zorgt er voor dat ze over de hele wereld worden verkocht. Nou een paar van die spelletjes zijn inmiddels een succes gebleken, vooral in Amerika gaan ze als warme broodjes over de toonbank. David keek hem ongelovig aan en heb je dat allemaal onder het rijden uitgebroed vroeg hij. Ja antwoordde Jan inderdaad, je doet als je door Europa rijdt veel indrukken op. Vooral gebouwen, bruggen en andere architectonische ontwerpen inspireren mij.
Wanneer ik ergens door geboeid raak, schrijf ik het op en kijk ik of ik het misschien later kan gebruiken voor een spelletje. Zo zit het eigenlijk in elkaar.
David keek hem nu met heel andere ogen aan en vroeg, waarom rijd jij dan nu nog steeds op zo'n truck met zoveel poen op de bank.
Ha ha , ja dat lijkt ook vreemd maar noem het maar een passie. Ik rijd heel graag in Europa en in dit geval met een comfortabele truck. Bovendien zonder tijdsdruk en als ik even geen zin heb, zet ik het spul gewoon aan de kant. De truck is van mij, maar de speciale trailer is van de firma waar ik voor rijd. Het is één van de allernieuwste op het gebied van boottrailers, maar ik zal je straks laten zien wat er zo bijzonder aan deze dieplader is.
Oké
nu even genoeg over mij, vertel me eens waar heb jij gelost. Gibraltar antwoordde David, hij vond de man wel sympathiek en besloot hem in vertrouwen te nemen, niet in de laatste plaats uit zelf behoud. Luister Jan, ik heb ook een ongelofelijk verhaal voor je maar dat is wel minder rooskleurig als dat van jou vrees ik. Hij goot het restje Cola achter over en stelde voor de zitting binnen voort te zetten. Het was er boven verwachting lekker koel, de deuren stonden open en een koele luchtstroom trok door het restaurant. Beiden keken op de sobere menu kaart en kozen het zelfde, steak met aardappelen, groente en een grote gemengde salade welke binnen een paar minuten al voor hun neus stond inclusief een mandje met stukken grof gesneden wit brood, het zag er heerlijk uit.
Doe mij ook maar een flesje bier zei David de serveerster toen ze de salade bracht, oh mij ook graag zei Jan. Nou steek maar van wal maat, ik ben benieuwd. David keek even om zich heen en vertelde hem het hele verhaal. Hij zag Jan af en toe zijn wenkbrauwen op trekken, maar verder liet hij David gewoon uit praten. Toen hij uitverteld was kwam Jan, die een tijdje voorover had gezeten overeind en blies de adem die hij veel te lang had ingehouden uit. Jezus man wat een verhaal ongelofelijk, het lijkt wel wild west. En heb je de laatste uren nog iets gemerkt van achtervolgers. Nee antwoordde David, ik heb alles nauwlettend in de gaten gehouden maar niets verdachts kunnen ontdekken. Nou zegt dat ook niet alles, ik bedoel ze kunnen ook langs de kant van de weg hebben gestaan en vannacht toeslaan.
Ja stemde Jan in maar vannacht ben je niet alleen, ik heb toch geen haast en blijf voorlopig bij je in de buurt. David keek hem dankbaar aan en besefte dat hij daar heimelijk op had gerekend. Nou als je dat inderdaad wil doen, zou ik mij een stuk beter voelen.
Maar je beseft toch wel dat het niet zonder gevaar is hè. Ja dat begrijp ik zei jan.
De serveerster bracht de maaltijd, waar ze beiden hongerig op aan vielen.
Het smaakte hun bijzonder goed en het was meer dan voldoende.
Na het eten lieten ze zich buiten nog een kop koffie serveren. Luister zei Jan ineens, in mijn truck heb ik een mobilofoon waar twee portofoons bij horen, één daarvan zal ik aan jou geven dan kunnen we met elkaar in contact blijven.
Ze hebben een bereik van ongeveer 40 kilometer dus we kunnen rustig kilometers ver achter elkaar rijden zonder dat het een ander op valt dat we bij elkaar horen, wat zeg je daar van? David knikte, dat is inderdaad een goed idee. Het serveerstertje kwam aanlopen met de rekening en David trakteerde en gaf het meisje een flinke fooi.
Hij was zich ineens een stuk beter gaan voelen nu hij alles aan iemand had verteld. Jan leek hem een man, die niet zo makkelijk van zijn stuk was te brengen. Hij was fors gebouwd, zo'n 1.80 mtr. en voor zijn leeftijd nog steeds een indrukwekkend figuur.
Hij droeg een groen petje op zijn hoofd van één of andere Griekse Ferry.
Hij zag er goed verzorgd uit duidelijk geen doorsnee chauffeur, één met veel ervaring want 40 jaar door Europa zwerven met je truck is geen kattenpis dat wist David als geen ander.
Samen liepen ze naar hun trucks. Jan reed in een Volvo met neus, eigenlijk de evenknie van Davids Scania. Mooie truck zei David toen ze er naast stonden, PK's genoeg zie ik.
Ach deze heb ik eigenlijk altijd al gewild en nu kon ik er één kopen met alles er op en er aan. David knikte, ja net zoals bij mij ik heb hem nu net een maand vrij, dus beschouw hem eigenlijk nu pas als écht van mijzelf. Hij is net de 100.000 kilometer gepasseerd, dus laten we zeggen voldoende ingereden.
Jan knikte, ja ik weet hoe je je voelt het is fijn als je niets meer met die graaiers te maken hebt. Financieel onafhankelijk zijn, dat wil pas ècht zeggen vrij te zijn.
Als werknemer had ik vroeger weinig met de bank te maken, maar sinds ze er lucht van hebben gekregen dat ik wat geld heb, word ik door iedereen lastig gevallen. Iedereen is ook ineens zo vriendelijk af en toe tegen het misselijke aan, maar ik beschouw dit maar als een luxe probleem en geloof mij er is best mee te leven.
Ga je voor of achter mij rijden vroeg David, wat is wijsheid in dit geval. Jan dacht na en kwam toen tot de conclusie, wanneer ze er op uit zijn jou te pakken, dan moeten ze er zeker van zijn dat er niemand achter je zit, dus het lijkt mij het beste dat ik onzichtbaar zo'n 5 kilometer voor je uit ga rijden.
Als ze wat willen dan ben ik zo bij je zonder dat ze weten dat wij bij elkaar horen, wat denk je. David knikte en Jan gaf hem de portofoon. Oké ik hoor je zo, dan vertrek ik eerst. Jan stapte in en reed rustig de parkeerplaats af, de diepe kuilen vermijdend vanwege zijn super lage dieplader.
David wachtte een paar minuten en reed toen ook rustig weg, nagestaard door de serveerster en
de twee mannen van de oude Mercedes die naast hun had gestaan.
Deze keken elkaar betekenisvol aan en stapten ook in hun wagen om de beide trucks te volgen.
David die weer goed op snelheid was merkte dat de weg wat meer begon te stijgen.
Dat klopt wel dacht hij, de weg zou volgens de kaart flink stijgen en dalen.
De truck had voldoende Paarden krachten om de 50 Ton terrein gewicht over de bergen te trekken daar was hij niet bang voor. Vroeger was dat wel anders dacht hij, maar sinds hij deze Scania had was het niet meer voorgekomen dat hij moeite had met klimmen.
420 PK is ook niet niks dacht hij en in verhouding met zijn prestaties gebruikte de enorme motor toch weinig brandstof. Goede keus geweest dacht hij tevreden. De portofoon kraakte en Jan kwam luid en duidelijk binnen, alles kits hoorde hij zeggen.
Ja hoor antwoordde David, het ding werkt uitstekend. Mooi antwoordde Jan, je krijgt straks een pittige afdaling kan ik je melden.
Met mijn boot heb ik er geen last van, ik houd hem makkelijk op mijn retarder, maar jij met je zware lading zal het wel even moeilijk krijgen. Oké, tot straks.
De motor moest hard werken merkte David en gooide de versnelling een half tandje terug. De naald van de toerenteller nestelde zich weer in het midden van het groene veld en bleef daar hangen. Mooi zei David, precies zoals het hoort.
Bijna was hij boven aan de berg toen hij de oude Mercedes achter zich ontdekte.
Omdat deze achter hem bleef rijden dacht David, misschien kan het oude beestje niet harder. Nu bereikte hij de top van de berg en kwam op een plateau terecht. De weg was nu vlak en hij schakelde weer op. De truck zat weer aan zijn maximum snelheid en de Mercedes maakte ook op het vlakke gedeelte nog steeds geen aanstalten om hem te passeren.
David pakte de portofoon en meldde zich bij Jan. Ja Jan er zit een oude grijze Mercedes achter me. Volgens mij is dat het oude ding dat naast ons op de parkeerplaats stond. Hij blijft maar achter mij rijden, ik snap het niet.
Oké David rustig aan, ik zal mijn snelheid een beetje laten zakken zodat ik wat korter voor je kom te rijden, houd de portofoon stand by.
Oké meldde David en hij merkte dat hij aan de afdaling was begonnen waar Jan het met hem over had gehad. Hij schakelde zijn retarder in en hoorde de motor smoren.
Het was een geruststellend gevoel dat je met de retarder de hele combinatie in bedwang kon houden, helemaal als het om een lange afdaling ging.
Hij schakelde een hele versnelling terug en de combinatie werd nog meer afgeremd. Nu reed hij zo'n 70 kilometer per uur, maar de toeren begonnen opnieuw op te lopen. Een klein beetje bijremmen dacht hij en trapte op zijn rem. De truck remde af, maar hij kreeg de indruk dat de oplegger niet mee remde.
Dat is vreemd, dat kan niet mompelde hij in zichzelf.
In een impuls trok hij aan de hendel van de oplegger rem, welke hij apart op zijn dashboard had zitten. Hij keek in zijn spiegel en verwachtte de oplegger te zien remmen
.. Verdomme er gebeurt daarachter niets vloekte hij.
Hij remde nu voluit met zijn gewone rem, de trekker begon gillend te remmen.
De blauwe rook kwam onder zijn banden vandaan en liet grote zwarte sporen na op het hete asfalt, maar het was nog lang niet genoeg om de hele combinatie goed af te remmen.
Verdomme, verdomme, verdomme vloekte hij luid .
Hij keek op zijn teller en zag de wijzer naar de 90 lopen terwijl de motor vreselijk tekeer ging. Hij raakt over zijn toeren verdomme, ik houd hem niet meer. Alles goed hoorde hij door de mobilofoon. Nee mijn oplegger remt niet meer, ik krijg hem niet meer stil verdomme.
De eerste beste scherpe bocht ga ik op mijn kant
jezus wat moet ik doen, hij gaat steeds harder.