Zaterdag 17 dec.
Toen we de volgende morgen om ongeveer 10 uur op het terras van het hotel koffie zaten te drinken zag ik tot mijn grote vreugde een klein rookpluimpje uit de schoorsteen van de “Evangelosh” komen. Kijk riep ik enthousiast, ze halen het anker binnen en komen hier heen om me te lossen…. hoeraaaaa!  De coaster kwam inderdaad de haven binnen varen en ik was meteen al op weg naar mijn wagen die in de haven geparkeerd stond. Ik reed naar een plek bij het water en parkeerde hem vlak langs de waterkant. Ik maakte alle spanbanden los en wachtte geduldig af tot de coaster voor de wal kwam.
Maar deze bleef een tiental meters uit de wal liggen en maakte ons duidelijk dat hij zijn neus aan een ander schip zou vastleggen omdat hij anders te heftig tegen de kade aan zou schurken wat schade op zou kunnen opleveren. Er stond nog steeds een respectabele deining, dus was ik blij dat ze het evengoed wilden proberen.
We zagen dat de kraan gebruiksklaar werd gemaakt. Het was maar een klein kraantje maar dat kon mij niet schelen. Wanneer hij mijn boot kon tillen was dat voor mij voldoende, je mag een gekregen paard tenslotte niet in de bek (mond) kijken heb ik geleerd, dus god zegen de greep!!
Inmiddels waren de twee Engelsen op hun jacht geklommen en stonden met de hijssingels klaar om die aan de haak van de kraan vast te maken zodra deze bij hen in de buurt kwam. De kraan was inmiddels gebruiksklaar en draaide met zijn mast naar de wal. De haak zwaaide gevaarlijk door de lucht en de Engelsen boven op de boot  probeerden deze te pakken, maar de coaster bewoog zelf ook nog behoorlijk zodat de ene keer de haak voor het grijpen leek en even later een aantal meters van hun vandaan zwaaide. Je moest heel snel reageren wanneer je de haak eenmaal had en dan ook nog  gelijk de stroppen van de hijs singels er aan pikken en dan wegwezen. Het zag er allemaal behoorlijk gevaarlijk uit en geloof me dat was het ook. De motor van mijn truck had ik laten draaien want mijn plan was, wanneer de boot maar even los kwam van de truck deze er meteen onder uit te rijden. Op die manier hoefde de kraan hem niet zo hoog op te tillen en zou hij hem gelijk naar links kunnen draaien en boven het water neer kunnen laten dat was in ieder geval het plan had ik begrepen.
De haak kwam weer aan zwaaien en ik zag dat de Engels mannen op de boot deze met doodsverachting vastgrepen en er zelfs een stukje door werden mee gesleurd, maar ze hielden hem vast en wisten wonderwel de stroppen aan de haak te slaan.
De kraan hoefde niet te hijsen aangezien de coaster door de deining omhoog werd gestuwd en daardoor werd de boot in één keer van de truck getild …. Ik gaf meteen gas en stoof er onder weg. Toen hing de boot een meter of twee van de grond in de kraan welke ik hoorde piepen en kreunen in zijn tuig. De wind pakte de boot en die ging een eigen leven leiden. Hij nam de giek van de kraan mee en zwaaide angstig snel naar de ruimte tussen de wal en het schip. De kraanmachinist bedacht zich geen moment en toen de boot boven het water hing liet hij hem zonder pardon omlaag zeulen met zo'n snelheid dat hij met een klap op het water terecht kwam en de twee Engelsen zich nog maar            net konden vastgrijpen aan het relingwerk, anders waren ze zeker overboord geslagen! Iedereen juichte toen het schip te water was gelaten en ik betrapte mijzelf er op dat ik mee stond te juichen, opgelucht dat het ons nu toch was gelukt.
De beide Engelsen staken met een bleek vertrokken bekkie hun duim omhoog en waren zo te zien blij dat ze het leven nog hadden.
































Maar vooruit de klus was geklaard en wij konden weer op huis aan.
Ik ruimde de wagen op en reed gelijk naar het kleine boekingskantoortje aan de andere kant van de baai maar zag dat het nog dicht was. Toen maar door naar het haven kroegje om daar eerst maar even de laatste zaken met de Engelsen af te handelen, vrachtbrief tekenen enz. De Engelsen zouden gelijk de oversteek maken naar Bodrum en waren hartstikke blij dat het toch nog allemaal gelukt was. Een half uur later voeren ze al weg door ons nagezwaaid.
Aan de hotel balie vroegen we naar de vertrektijden van de Ferry. We kregen een folder waar we de aankomst en vertrek tijden in konden zien. Morgenmiddag om 3 uur zou hij aan komen vanuit Rhodos en het boekingskantoor aan de haven was twee uur van te voren geopend. We hadden een retour ticket dus hoefden ons morgen alleen maar aan te melden en dan zouden we in principe terug naar Athene kunnen varen ….Kat in't bakkie…toch?..
Nee dus… de volgende dag Zondag 19 December, kwam de ferry inderdaad om twee uur. Er liepen alleen een paar passagiers af maar geen auto's en hij was tjokvol vanaf Rhodos vertrokken. We pasten er dus niet op en moesten twee dagen wachten op de volgende boot dan zou men er in Rhodos al rekening mee houden dat wij er op KOS wel bij zouden passen werd ons beloofd.
Dinsdag 20 December.
Gisteren niet veel beleefd, het was hier uitgestorven op het eiland  en het weer was opnieuw snijdend koud geworden. De douche in het Hotel gaf ook niet thuis wat het hete water betrof, dus maar gauw vergeten die dag .
Woensdag 21 December
Vandaag de boot op gereden waar we nog maar net oppasten, maar niet zeuren we stonden aan boord en zouden zonder tegenslag precies op tijd thuis zijn om de kerst met de hele familie te vieren.
We hadden inmiddels nog steeds geen contact gehad met mijn baas en het thuisfront vanwege het feit dat we gewoon geen contact konden krijgen vanaf het eiland, maar zo gauw we in Athene waren zou ik gelijk bellen nam ik me heilig voor.  
22 December
De volgende morgen reden we de ferry af in Athene. Het was prachtig helder weer en weer een drukte van belang. Ik reed er de ferry als eerste af omdat ik zowat tegen de laadklep aanstond. Toen ik naar de uitgang van het haventerrein reed werd mijn aandacht  getrokken door een kwajongen die boven op een stapel kisten naar me stond te zwaaien. Toen hij merkte dat ik hem zag stak hij zijn duim omhoog  en grijnsde breed naar me. ik kreeg weer dat vreemde gevoel in mijn buik maar liet niets merken. Greet had de jongen ook opgemerkt en vroeg, zag je dat, dat was toch dat joch wat ons op de heen weg heeft geholpen.
Ik knikte met mijn weer opnieuw bleek vertrokken koppie en antwoordde, ja ik zag hem en om haar van mijn witte koppie af te leiden zei ik er meteen achteraan, we moeten zo gauw mogelijk met Loosdrecht bellen die weten zo langzamerhand ook niet meer waar ze met mij aan toe zijn.
Bij de eerste de beste parkeer gelegenheid probeerde ik bij een kiosk waar je toentertijd vanuit Athene naar het buitenland kon bellen contact met mijn baas te krijgen. Gelukkig werd er meteen opgenomen, maar nadat ik mijn naam had genoemd bleef het aan de andere kant dood stil, zelfs zo lang dat ik vroeg … ben je daar nog?? En toen brak er aan de andere kant een ongekende scheld kanonnade los en gelijkertijd merkte ik daar doorheen een enorme opluchting, maar waar ik vreselijk van schrok was dat hij me tussen het vloeken en tieren door vertelde dat we als vermist waren opgegeven.
Hij was er van overtuigd,  dat we met onze Ferry schipbreuk hadden geleden halverwege KOS. Het bericht was breed uitgemeten op de televisie geweest en had ook nog uitgebreid in de kranten gestaan, dat de Ferry waarvan hij dacht dat we aan boord waren op volle zee was vergaan, er werden minstens 80 mensen vermist.
Er had zich een explosie aan boord voorgedaan en het schip was razend snel gezonken. Naarmate hij het verhaal vertelde werd hij wat rustiger en werd ik als maar zenuwachtiger. Ik vertelde mijn baas dat we door storingen in het telefoon verkeer op KOS, niet in de gelegenheid waren geweest om te bellen. En dat we dankzij een jochie, een Ferry eerder hadden kunnen nemen.  Toen ik dat zei kroop het kippenvel tot in mijn nek omhoog…….wie was dat jochie?? ik durfde daar verder haast niet over na te denken en klapte in paniek dicht. Ik hoorde mijn baas nog wel zeggen…nou daar mag je dat jochie dan wel voor bedanken!.
Daarna hoorde ik  wel dat er door Greet en mijn baas tegen mij gesproken werd, maar dat alles ging aan mij voorbij als in een droom. Ik zag mijn school vriendje weer in de armen van die man liggen met zijn bleke hoofdje  achterover geknakt. Ik stond te trillen op mijn benen, legde de zwarte hoorn van de bakelieten telefoon zachtjes terug op het toestel en bleef er gebiologeerd naar kijken of dat het een buitenaards wezen was. De man in de kiosk maande mij dat ik moest betalen wat ik afwezig zonder een bonnetje te vragen deed.
We liepen terug naar de wagen en pas daar merkte ik dat Greet nadrukkelijk tegen mij aan het praten was. We stapten de cabine in en daar vertelde ik haar nog steeds aangeslagen wat er was gebeurd. Ook zij raakte er diep van onder de indruk en zei heel praktisch zoals vrouwen nou eenmaal zijn, kom op we gaan nog een keer bellen en nu naar onze kinderen en de oppas, die moeten nu ook gelijk weten dat het in orde is!
Het bleek dat ook deze dachten dat het met ons gedaan was en ze hadden al over voorlopige maatregelen nagedacht waar de kinderen zouden worden ondergebracht.
Ze schrokken zich ook een ongeluk toen ze Greet ineens aan de lijn hadden maar de blijdschap was groter dan de schrik. Ze hadden de kinderen gelukkig nog niets van de vermissing verteld, wel hadden ze een paar zeer slechte dagen achter de rug.
We vertelden opgelucht dat we voor de kerstdagen weer thuis zouden zijn en dat we er dan met zijn allen een groot feest van zouden maken. Opgelucht legden ze de telefoon neer en belde ik opnieuw met mijn baas in Loosdrecht en vertelde nu wat rustiger wat er allemaal was gebeurd en stelde ze daar ook gerust.
Kom maar rustig naar huis was het advies uit Loosdrecht en neem geen onnodig risico want overal in Europa ligt een laag sneeuw en is het slecht weer. We reden inderdaad zeer voorzichtig terug, opnieuw over die dodelijk autoput in Joegoslavië waar nog steeds als waanzinnigen werd gereden.
Daarna door het ondergesneeuwde Hongarije, Oostenrijk en tenslotte door Duitsland naar ons geliefde kikkerlandje. Onderweg raakte de kachel stuk en zijn we met dekens over onze knieën verder gereden, maar dat mocht de pret niet drukken. We gingen richting huis en waren wel koud maar…. spring levend!
We zullen nooit met zekerheid weten of dat ook het geval was geweest wanneer ik in Athene mijn jeugd vriendje niet had ontmoet!  Hij heeft ons behoed voor wat hem ooit was overkomen. Vanaf die tijd zie ik mijn Guardian Angel alleen nog maar voor me met een opgeheven hoofd en een lachend gezicht.
                   Een mooier kerst cadeau had ik me niet kunnen wensen.

                 
De foto's zijn
van mijn oude
film afgehaald
vandaar dat ze
wat onduidelijk
zijn
Maar ze spreken
voor zich
Gelukkig Kerstfeest lieve lezers
en wees blij met het leven
want we zijn hier maar even
Terug naar de keuze site