Nog een keertje naar de Oekraiene
             
Ergens onderweg in Polen, op weg naar de Oekrainse grens
Potje bier in Donzère met Roy Mulder (links), Greet en Stan van Rooy






Henk zijn truck met de sleepboot voor Roemenië op zijn trailer
Roy Mulder met zijn retourvracht uit Koper (Slovenië)
Windmolen in het avondrood
Wobble spelen in Polen
Klik hier onder, voor dat verhaal.
Henk had al een vooruitziende blik over samen oprijden naar de Oekraïne. klik hieronder
Ik zat met Greet in een klein zaaltje, wat toebehoorde aan de plaatselijke kunst- en knutselvereniging, naar de artistieke resultaten van mijn kleinzoons te kijken met pakweg nog zo'n dertig andere ouders en grootouders, toen ineens mijn telefoon luid rinkelde.
Iedereen keek mij verwijtend aan en ik maakte dat ik het zaaltje uitkwam, beslist niet met een hoog rode kleur, want daar moet echt wel wat meer voor gebeuren.
Aan de andere kant van de lijn hoorde ik één van de  planners van ”Van de Wetering”( Wilbert van Horssen), die me vroeg of ik weer eens zin had om een bootje naar de Oekraïne te brengen. Ik was al weer een tijdje niet voor ze op stap geweest en had de ellende van de vorige reis naar de Oekraïne een schappelijk plaatsje in mijn herinnering gegeven, dus ja… ik had daar wel weer zin in.
Even helemaal uit de wereld van de spelletjes en alles wat daar mee te maken had, lekker de frisse wind om me kop, en een compleet nieuw avontuur tegemoet, dat was me eigenlijk meer dan welkom. Ik antwoordde dus gretig met ja en vertelde dat ze honderd procent op me konden rekenen. Daar hadden we ook al een beetje op gehoopt, antwoordde Wilbert lachend.
Oké, we zijn nog even bezig met wat documenten maar je zal zeer binnenkort meer horen over deze trip naar Kiev!.
Ik stopte tevreden mijn telefoon in mijn achterzak en kwam glunderend het zaaltje binnen. Greet keek me vragend aan en voor ik iets kon zeggen zei ze, dat was zeker “Van de Wetering” en ik wed dat ze je voor een ritje hebben gevraagd. Ik knikte haar bevestigend toe en ging weer naast haar zitten, met mijn hoofd vol andere zaken dan de tekeningen waar die jongens zo hun best op hadden gedaan, maar ja het bloed kruipt nou eenmaal waar het niet gaan kan, dus toe maar. De volgende dag werd ik alweer gebeld maar nu door Marcel van Wensveen, de planner voor de combinaties. Hij vertelde mij dat het om een Italiaanse speedboot ging die daar in Riva (Italië) al was geladen door Vincent Puik die er in totaal twee had geladen, één op de motorwagen voor Engeland, die hij zelf ging doorbrengen en één op de aanhanger voor Kiev die in  Loodrecht zou worden overgeladen op mijn aanhanger. Hij had het 'Tir Carnet' al op het kenteken van die aanhanger laten opmaken, zodat we hem zonder problemen konden overladen. Ik zou er Dinsdag de 14 Juni mee vertrekken, dus eigenlijk derde pinksterdag, maar die feestdag wordt alleen in de Zandstreek gevierd dus daar hadden we geen boodschap aan.
De vrijdag  ervoor, de tiende dus, had ik mooi de tijd om wat spullen bij elkaar te scharrelen die op zo'n reis onontbeerlijk zijn. Ik had nog een 20 liter watertank en een campinggas komfoortje van mijn vorige reizen in de schuur. Op zolder lag mijn vertrouwde slaapzak die samen met mij inmiddels alle hoeken van Europa al had gezien,
En natuurlijk sloeg ik wat proviand in voor het geval ik onderweg op een door God vergeten plaats terecht zou komen. In de eerste plaats spullen om zelf koffie te kunnen zetten, verder spullen om een uitsmijter te maken, een potje jam, een potje spread en notenpasta, 6 blikken haringfilet in tomaten saus, doosje roggebrood, bakmargarine en natuurlijk een pannetje om in te bakken en een steelpannetje om water te warmen voor de thee en de koffie. Een  bordje, een mes en vork en een grote drinkbeker, een klein afwas teiltje, twee theedoeken en een afwasborstel. Het paste allemaal (het proviand ) in een plastic krat en klaar was kees.  Greet had weer als vanouds mijn kleren ingepakt en voor de eerste dag wat boterhammen mee gegeven, ziezo alles klaar….Vader gaat op stap.
Dinsdag 14 Juni
Tegen de middag de “Riva” overgeladen op de werf in Loodrecht met een enorme heftruck. Daarna zorgvuldig vastgezet samen met Vincent. De wegen in de Oekraïne behoren zoals jullie ongetwijfeld wel zullen weten nou niet direct tot de beste in Europa, en daar werd met het vastzetten van de boot al rekening mee gehouden. We plaatsten de cradle waar de “Riva” in rustte op 6 stoppingen met een rubberen mat tussen de stalen cradle en de stoppingen en zo werd hij met spanbanden vastgezet. De boot zou zelfs als de aanhanger  op zijn kant zou gaan…..nog op de aanhanger vast blijven zitten. Niet dat ik plannen had in die richting, maar het gaf je wel een vertrouwd gevoel.
Ik kreeg van Sip van Gelder die verantwoordelijk is voor de nodige vergunningen en andere documenten, het Carnet Tir mee en nog een stapeltje andere papieren die je nou eenmaal bij je dient te hebben wanneer je naar dat soort landen gaat. Daarbij nog een bosje Euro's en ik kon gaan nadat ik zelf eerst nog alle auto papieren en de tankpassen had gecontroleerd.
Het was al middag voor ik ging rijden en ik had mezelf beloofd dat ik de eerste dag door zou rijden tot Geiselwind, dat ligt een klein stukje voorbij Würzburg
Daar bevindt zich een geliefde pleisterplaats voor truckers die wat verder rijden dan het Roergebied en omstreken. Je kan er goed parkeren, lekker eten en gezellig zitten met je collega's. Je betaalt 10.00 Euro om daar te mogen parkeren voor een nacht, maar daar krijg je er 7 van terug wanneer je in het autohof je maaltijd hebt gebruikt. Vroeger kon je op elk autohof vrij parkeren, maar sinds onze Oost Europese collega's west Europa overspoelen is dat voltooid verledentijd
Dat zal ik voor de leken onder u even uitleggen. De Oost-Europese collega's zitten nou eenmaal niet zo goed in hun slappe was als hun West Europese evenknieën en eten dientengevolge nogal vaak uit de kist (een kist onder de trailer die als een keuketje is ingericht). Ze gebruiken wel de faciliteiten van het autohof, maar geven er geen dubbeltje uit vandaar dat die Autohofen die regeling van het parkeergeld hebben ingesteld, en daar valt natuurlijk wel wat voor te zeggen nietwaar. Die avond om 23.00 uur reed ik daar de grote parkeerplaats op, binnen nog even een potje bier gedronken en toen mijn mandje ingekropen.
Woensdag 15 Juni Geiselwind Zuid Duitsland.
Wassen, tandjes poetsen, haartjes weer in de plooi en alweer klaar voor een nieuwe dag
Ik hoor een luchthoorn, kijk op en ja hoor daar komt Roy aanrijden, ook een collega bij de firma. Ik heb wel vaker met hem opgereden en daar op de site over verteld. Zelfs eens een weekend met hem aan een potje bier gezeten in Donzère (Frankrijk). Lees ook eens het waar gebeurde verhaal,”Highway robbery in the name of the Law”.
We spraken af in het restaurant en even later zaten we aan de koffie. Ik had al gegeten en Roy was smakelijk aan het ontbijten toen hij over mijn schouder heen keek en riep .. Hé kijk nou eens wie we daar hebben? En ja hoor daar kwam nóg een collega van “Van de Wetering” binnen vallen “Henk Brinks”.  Henk is zo'n beetje de belichaming van de laatst overgebleven vrije truckers, gepokt en gemazeld door alle denkbare en ondenkbare avonturen die hij heeft beleefd, in en om Europa en niet altijd geluk gehad in zijn turbulente leventje. Wonderwel een kerel die altijd vrolijk is en voor je klaar klaar staat en iedereen voor zich weet te winnen met een goed en boeiend verhaal wat hij erg goed kan vertellen. Voor Henk bestaat er geen 'Nee'! Wanneer het een beetje spannend dreigt te worden en de meeste truckers afhaken met een smoes, biedt hij zich breed grijnzend aan, kortom een collega uit duizenden. Overigens niets ten nadelen van Roy, want die staat ook altijd voor je klaar dat heb ik zelf bij ondervinding, maar die zegt altijd, ik vind Europa groot genoeg en kan daar goed mijn brood verdienen, dus waarom zou ik risico's nemen door naar die apenlanden te gaan. En hij heeft ook gelijk, ieder zijn ding nietwaar.
Henk nam plaats aan de grote rechthoekige tafel en deed zijn bestelling bij de serveerster. Hij vertelde ons dat hij een sleepbootje had geladen in het plaatsje Ter Horne, dat is het plaatsje in Friesland waar ze de film van de Kameleon hebben opgenomen wist hij te melden. De sleepboot die in 1960 in Berlijn was gebouwd, was ooit naar Friesland verkocht en was nu doorverkocht naar een bedrijf in de Oekraïne  waar hij werd ingezet als 'Supply Ship' op de Zwarte Zee.
Maar hij moest de sleepboot naar een plaats aan een rivier in Roemenië brengen en vandaar uit zou men hem naar de zwarte zee varen, dat was Douane technisch gunstiger als dat hij de boot rechtstreeks naar de Oekraïne zou brengen. Echt weer wat voor Henk dus.
Na het eten liepen we naar zijn truck die hij naast de mijne had geparkeerd, om zijn lading te bekijken. Roy besloot weer te gaan rijden omdat hij sowieso niet zo lang met ons op kon rijden, (hij ging met een zeilboot naar Koper in Slovenië). We namen afscheid en wensten hem een goede reis. Henk en ik liepen om de sleepboot heen en het viel me op dat het zo naar rotte vis stonk. Ik keek over de parkeerplaats die 's morgens altijd behoorlijk leeg was maar zag geen koeltrailer die zijn bak had uitgespoeld of zo, dus begreep ik er niets van. Maar toen ik de onderkant van Henk zijn sleepboot goed bekeek, zag ik dat deze vol zat met kleine mosseltjes die inmiddels dood waren, en deze veroorzaakten die rotte vislucht. Henk vertelde dat hij bij het laden van de boot de bovenkant van zijn hand aan die mosseltjes had geschuurd en dat zijn hand gedurende twee dagen opgezet was geweest, maar dat het nu wel weer ging, met andere woorden niet zeuren gewoon doorzwemmen we zijn zo in Engeland hier onder een foto van onze wagens op Geiselwind.
We maakten gewoontegetrouw nog een controle rondje om de beide wagens en besloten toen op weg te gaan. We zetten het mobilofoon kanaal op 4 om zo onder het rijden contact te houden. We reden richting Neurenberg waar we vervolgens Regensburg aanhielden om bij Subben de Oostenrijkse  grens over te gaan. Rond de middag nog even gezellig gezeten en daarna weer verder. De bedoeling was dat we samen verder zouden rijden tot Wenen. Ik moest in Helgisaloom de Oostenrijks-Hongaarse grens over en Henk moest richting Roemenie, maar zo ver zou het niet komen. Vanuit Loodrecht werd ik gebeld dat ik moest stoppen en wachten op nieuwe instructies wat betreft de grens die ik over moest om de Oekraïne binnen te komen. Ze wisten nu al dat het niet de grens zou worden die op het TIR Carnet vermeld stond maar een andere, maar dat zou ik morgen wel te horen krijgen vertelde Sip me, die me nog een goede avond wenste en tot morgen. Zo, dat klonk me allemaal akelig bekend in mijn oren , maar…. niet janken voor je geslagen wordt is mij altijd geleerd.
We besloten de autobaan af te gaan naar een klein restaurant, om daar dan gelijk maar onze pauze te houden en wat te eten. Daarna zou Henk verder gaan en ik zou daar alleen achterblijven.
Wat was er aan de hand? De ontvanger van de boot, had zijn twijfels geuit wat betreft de Hongaars Oekraïense grens 'Záhony', Hij had o.a. zijn twijfels of het wel zo'n goed idee was om hem over die grens (Záhony) de Oekraïne in te voeren. De waarde van de boot was meer dan een half miljoen en ze moeten in de Oekraïne een vermogen aan invoerrechten betalen op dergelijk soort van luxe artikelen. Het kan zo maar 10.000 (den) Euro's verschil maken, wanneer je de juiste mensen op de juiste plaats inseint, om zo te proberen de invoerrechten wat vriendelijker toe te passen. In Záhony was dat klaarblijkelijk niet gelukt, dus moest ik stoppen die richting op te rijden. Er werd nu eerst gekeken naar een andere grens waar ze wat meer geluk zouden hebben.
Die dag zou ik niets meer horen dus dan maar wachten wat de volgende dag zou brengen.  
Donderdag 16 Juni circa. 100 km voor Wenen
08.00 uur op. Weer gewassen, tandjes gepoetst en haartjes gekamd in de kelder van het tankstation. Daar kon je jezelf douchen en wassen naast de toiletten. Er zat een Russisch vrouwtje aan een klein vierkant tafeltje om de potten na afloop te boenen denk ik, maar ook en vooral om die 50 Eurocent te ontvangen waarvan ik vermoed dat dit het enige was wat dat mensje verdiende, hoewel ik die tankstel eigenaar er van verdenk dat hij daar zelf ook nog wat van afroomt. Ze zat daar dus de hele dag in die naar ammoniak stinkende kelder voor een paar grijpstuivers. Ze haalde ook gelijk de muntjes  van het bord weg wanneer er meerdere lagen maar liet er altijd ééntje als voorbeeld opliggen. Ze droeg een ouderwets bloemetjesschort en had rode vlekken op haar blote armen, wat er op leek dat ze Henk Brinks had geholpen bij het laden van zijn sleepboot.
Die Donderdagmorgen werd ik om negen uur gebeld door Sip. Hij wist te vertellen dat er nog steeds niets bekend was dus nog even geduld. Wel wist hij  te vertellen dat het sowieso een andere grens werd, maar welke was nog niet bekend. Ik begon al een beetje een 'dechavu' gevoel te krijgen en vertelde hem dat hij me beter niet over de pools Oekraïnse grens “Rave Roeske” kon sturen omdat ze me daar zo ongeveer konden uittekenen, daar kon ik beter de rest van mijn leven wegblijven. Sip was het daar roerend mee eens, maar die middag zou hij definitief weten wat er verder ging gebeuren, dus nog even geduld. En dat was ook zo, want een uurtje later belde hij me al weer met de mededeling, rijd maar weer terug naar Giebelstad (bij Würzburg) parkeer het hele spul daar op het terrein van een collega botentransporteur (Sleepy) want  Roy die al weer op de terugweg van Koper is, komt jou daar ophalen om je het weekeinde terug naar huis te brengen. Oké, ik terug naar Geiselwind bij Würzburg en de volgende morgen naar Giebelstad gereden. Daar kwam Roy inderdaad langs om me op te halen. Hij kwam geladen terug uit Slovenië met een grote zijlboot op zijn aanhanger die hij in Koper had terug geladen voor Holland. Het was een hartelijk weerzien en het eerste wat hij me spontaan aanbood was een lekkere zelf gemaakte bak Hollandse koffie. Wat Ik alleen meenam was mijn tas met documenten en mijn tas met kleren en zo ging ik  met Roy op weg. Halverwege  Holland nog even gestopt voor een bakkie, (Medenbach) waar je hieronder een foto ziet van het complete spul van Roy op die parkeerplaats.
(weekeinde thuis)
Maandag 20 Juni
Om tien uur werd ik gebeld, ik zou weer naar Giebelstad gebracht worden door een begeleidingswagen. Jeroen één van onze begeleiders bij Van de Wetering  was de gelukkige die me weg moest brengen, maar hij nam wel gelijk zijn tas met spullen mee want het zat er dik in dat hij vanaf Giebelstad gelijk door moest naar een andere bestemming in Europa, waarschijnlijk de Franse West kust waar nogal wat grote zeilboten vandaan komen die we vandaar met begeleiding over geheel Europa uitwaaierden naar hun bestemming, vandaar.
Die avond om 19.00 uur was ik weer bij mijn combinatie. Jeroen ging inderdaad door naar de Franse Westkust dus namen we afscheid. Ik was weer alleen en dat is eigenlijk de situaties waarbij ik me het lekkerst voel …oké ,alles weer gewoontegetrouw gecontroleerd en rijden maar weer. Dit keer zou ik inderdaad weer over de Poolse  grens de Oekraïne in gaan, maar gelukkig niet die beruchte grens “Rave Roeske” Ik had nog een paar extra formulieren mee gekregen van Sip, waarop in het Engels en Pools stond dat de grens overgang die op het TIR Carnet stond veranderd was, dat was nu dus de Pools Oekraïnse grens geworden. Zo was ik dus weer op weg naar Kiev en nu maar hopen dat het vanaf nu beter zou gaan. Die dag nog aardig doorgereden richting de Duits - Poolse grens. Voor dat de zon die avond onder ging heb ik vanaf de parkeerplaats nog even deze foto gemaakt. Ja ik kan het niet laten, je bent een amateur fotograaf of je bent het niet.
Dinsdag. 21 Juni.
07.00 uur weer rijden richting Polen. Aan de grens “Gorlitz” vignetten gekocht voor twee dagen, omdat ik wist dat ik het nooit in één keer zou redden. Tot Catowitze was alles autobaan, maar daarna ging alles binnendoor dus dan schiet het niet op. Die dinsdag doorgereden tot 22.00 uur, een lekkere maaltijd genoten in een chauffeurs restaurant, daarna vermoeid mijn mandje ingekropen en bijna meteen in slaap gesukkeld.
Woensdag,  22 Juni.
08.00 uur weer op pad. Rustig doorgereden tot een uur of tien en toen werd ik weer door Sip gebeld. Ik moest op ongeveer een uur voor de grens stoppen en weer bellen of die grens nog steeds doorging. Ik stopte inderdaad ongeveer een uurtje voor de grens en trakteerde mijzelf op een bak Poolse koffie (voorzichtig drinken er zit koffie prut onderin je kopje) Ik belde Sip dat ik daar stond en die zei me daar rustig af te wachten. Ik haalde mijn 'Wobble' spel uit de cabine en nodigde de twee jongens van het restaurant uit een potje te spelen. Zij waren erg nieuwsgierig naar het spel en speelden het met veel plezier. Ik beloofde hen een spel op te sturen wanneer ik weer terug in Holland zou zijn.  Hieronder de foto.
Een uur later mocht ik toch weer verder rijden. Het bezorgde mij niet zo'n zeker gevoel, maar kom op niet janken voor je geslagen werd nietwaar!
Naar de Pools Oekraïnse grens gereden en daar aansluiten in de rij.
Nu zou ik weer een heel verslag kunnen gaan opschrijven, maar voor mijn vaste lezers volstaat te melden dat het nog steeds een achterlijke ambtenaren bende is. Dat kan nog wat worden volgend jaar, wanneer daar in Polen en de Oekraïne het E.K voetbal gehouden wordt. Ik voorspel u diepe droefenis,  en nu druk ik mij nog bescheiden uit.
Enfin ik dus een aantal uren later apart gezet op de Oekraïnse parkeerplaats en de opdracht was afwachten, er wordt contact met je opgenomen. Mijn papieren waren weer in beslag genomen en dat voorspelde meestal niet veel goeds. Alleen had ik dit keer een originele rekening van de 'Riva' boot van de  fabriek in Italië bij mij, dus daar konden ze me niet op pakken dus dat was een hele geruststelling. Bovendien wist ik dat de boot een cadeau was voor de President van de Oekraïne, en dat wil natuurlijk ook wel helpen wanneer men moeilijkheden wil maken. Ik werd op de parkeerplaats benaderd door een… zeg maar zeer belangrijk persoon die mij vertelde… het gaat een paar dagen duren voor we de zaak helemaal rond hebben, intussen breng ik je naar een hotel hier direct over de grens waar je de komende 5 dagen moet afwachten tot we alles rond hebben. Ik werd meegenomen en een kwartiertje later zat ik op mijn hotelkamer. Het was er één met alles erop en er aan, inclusief airco. Ik kreeg mijn paspoort terug en hij zei, wij hebben het hotel voor je betaald en hier heb je nog wat geld voor de lunch en het avond eten, je hoort van ons wanneer alles rond is, ajuus. Nou daar stond ik dan, deze keer heel wat beter dan de laatste keer, prima 4 sterren hotel, 5 dagen vrij en een bos geld. Dit was echt het laatste waar ik op gerekend had, maar ja dit had iets met de President van de Oekraïne te maken en ik kan u
wel zeggen…. dat maakt een enorm verschil





























Er was aan die Oekraïnse kant van de grens niet erg veel te beleven. Wel stond er een enorme rij wagens langs de weg te wachten om de grens over te gaan. Ik schat een rij van minstens 5 kilometer, en op ongeveer 1 kilometer voor de grens stonden de luxe wagens ook in de rij om de grens over te gaan. Aan het gelaten gedrag van de mensen kon je opmaken dat het voor hen heel normaal was om daar zo lang in de rij te staan. Er liepen verschillende vrouwen langs,   die koffie verkochten en zo een schamel inkomen bij elkaar sprokkelden. Ze hadden duidelijke afspraken gemaakt, welke wijk hen toebehoorde. Aan de overkant stonden een tiental mensen met pakken geld in hun handen die dat probeerden te wisselen tegen Euro's,  dat was hun dagtaak. Zij werkten ook voor een baas die zó zijn valuta voor ècht geld kon wisselen, zodat hij daarmee spullen kon importeren, of het in West Europa kon uitgeven, want je kan met pakken Oekraïnse valuta naar het buitenland vertrekken , maar er is geen bank bij ons te vinden die dat inwisselt tegen de Euro Dollar of ander hard betaalmiddel, vandaar die handelaren aan de grens.
Verder was er een grote supermarkt waar werkelijk alles te krijgen was en een tweetal restaurants waar je lekker kon eten. Ook mijn hotel had een goed restaurant, dus ik kon overal terecht. Ik ontdekte al snel, dat ik de enige gast was in het hotel en dat ik daardoor ook  's morgens alleen in het restaurant zat te ontbijten en in de avond ook alleen zat te eten. Niet gezellig, dus ik besloot de rest van de dagen in de restaurantjes langs de weg te gaan eten, al was het alleen maar omdat het daar gezelliger was. Enfin die 5 dagen moest ik op de één of andere manier zien door te komen en ik besloot de volgende dag de omgeving te verkennen.












































Bekijk de balkonnetjes eens wat nauwkeuriger
Yagodyn Hotel
Einde van dit verhaal. Er is al weer een nieuw verhaal in de maak.
Oekraïnse plantenspuit
gewoon gezellig kaarten in het portiek van de flat
Kindergeluk zonder de Efteling
08.oo uur ontbijt helemaal alleen in die grote eetzaal. Men zegt hier bv helemaal niets tegen je wanneer je daar 's morgens binnen komt, ze kijken je niet aan en hebben alleen interesse wat er op de televisie is. Ze schuiven een geplastificeerd A4 onder je neus, waar aan de ene kant het ontbijtmenu in het Engels staat en aan de andere kant in hun eigen taal (cyrillisch), maar ja laat ik er maar mee volstaan dat het ongeïnteresseerd personeel is en dat zal voorlopig wel niet veranderen, dat gedrag zit er nou eenmaal in gebakken. Ik  durf wel te zeggen dat het bij ons wat de bediening betreft, veel en veel beter geregeld is.
Informatie over een busdienst was er bij de receptie ook niet te krijgen om de eenvoudige reden dat die dame ook geen Engels of andere taal spreekt en de foldertjes zijn ook allemaal in het cyrillisch gedrukt dus geef mijn portie maar aan fikkie. Ik ga op straat wel uitzoeken hoe ik in het dichtstbijzijnde dorpje kan komen, want dat is wat ik graag zou willen doen vandaag. Ik besloot naar het dichtstbijzijnde tankstation te lopen om daar een plaatselijke kaart te kopen om zo uit te vinden hoe ver het was naar het eerste plaatsje vanaf de grens gerekend. Bij het pompstation liep een jonge man in het uniform van het tankstation (Go) die me graag overal bij wilde helpen en die er op zijn beurt weer voor zorgde dat ik mijn mening over de service in dit land weer moest bijstellen. Op de map die ik daar had gekocht zag ik dat het dichtstbijzijnde plaatsje  op ongeveer 65 km van de grens lag. Ik dacht misschien is het een idee wanneer ik iemand, die hier tankt te vragen of ik een stukje mee kan rijden die kant op ( er rijden hier namelijk geen taxi's) Ik ben wel geen sexy jonge meid, maar niet geschoten altijd mis nietwaar. Er stopte een soort bestelbusje om te tanken en ik zag dat hij plaats had voor een mede passagier. Het aardige mannetje van het pompstation was op de hoogte van mijn liftplannen en vroeg de man of ik een stukje met hem mee mocht rijden richting die plaats (Kovél).
De man ( een Rus ) knikte van nee,  hij had geen plaats zei hij en draaide zich gelijk om. De pompbediende die zich ook een beetje teleurgesteld voelde vroeg het nog een keer, maar de Rus maakte nogmaals duidelijk dat hij daar geen ruimte voor had. Nou, pech gehad zei ik tegen die jongen en haalde een pak geld uit mijn zak met zo'n twintig briefjes van tweehonderd Hryvnia (spreek het uit als grynia) en zei toen, jammer dan nu verdient hij ook niets, want anders had ik hem er dik voor betaald. Ik nam afscheid van die aardige behulpzame  jongen en liep het tankstation af met de bedoeling naar een bushalte te gaan zoeken of misschien toch een lift te scoren. Ik liep net weer op de weg of daar stopte de Rus met zijn bestelwagentje naast me en gooide de rechterdeur voor mijn neus open en nodigde me uit in te stappen. Ik gaf de deur een gier dicht en stak mijn middelvinger op. Steek die bus maar in je reet zei ik in onvervalst Hollands, omdat ik wist dat hij dat toch niet verstond maar wel begreep. Hij reed zwaar beledigd met slippende bande weg.
Verderop stond een mevrouwtje met een paar grote tassen te wachten, en verdomd even later kwam er een klein busje aanrijden die voor ons stopte. Ik stapte in en gaf de chauffeur wat geld wat blijkbaar voldoende was, want hij maakte aanstalten om me wat terug te geven maar ik reageerde meteen door te zeggen…. laat maat zitten en liep door naar een zitplaatsje. Een minuut of 10 later was de bus op zijn eindbestemming en moest ik weer verder zien te liften. Nog geen 5 minuten later stopte er een grote tanktrailer die mij meenam helemaal tot het plaatsje Kovél. Ik gaf de chauffeur 200 hryvnia die hij dankbaar in ontvangst nam. Voor een potje biertje zei ik nog en hij knikte dat hij het begreep.
Nu kon ik op mijn gemak dit plaatsje gaan bekijken. Het was prachtig weer en nog lekker vroeg, wat wil je nog meer. Eerst nog even een lekker broodje gehaald in een pompstation waar een klein restaurantje bij was en toen op weg. Het enige spectaculaire in dit plaatsje bleek de kerk te zijn en verder eigenlijk niets. Ik maakte er wat foto's van en ook nog van wat huisjes en flats en van wat kinderen die daar achter die flats aan het spelen waren. Ze zagen er allemaal gelukkig uit en vermaakten zich prima met kaartspelletjes of op de schommel. Deze kinderen wisten niet beter en waren gelukkig met wat ze hadden. Wat betreft die flats hier, was het wel grappig dat je aan de buitenkant  de status van de bewoners kon zien. Dat kon je aan hun balkon zien want sommige waren bijna allemaal dicht gemaakt door de bewoners. De één had daar duidelijk meer geld voor dan de ander.  Hieronder plaats ik een fotootje  zodat u kunt zien wat ik bedoel.





















Om ongeveer 17.00 uur dacht ik dat het verstandig zou zijn, wanneer ik maar eens ging uitzoeken hoe ik terug moest komen naar mijn hotel, dus liep ik de weg terug die eerder gekomen was. Ik had toen ik uit de vrachtwagen was gestapt aan de overkant van die weg een bushalte gezien die volgens mij de goede kant op ging. Er ging naar de grens maar één hoofdweg en dat was deze, dus wilde ik eerst naar die bushalte lopen, zodat ik daar kon vragen of dat ook zo was.
Toen ik dus vanuit het plaatsje rustig op weg was naar die bushalte gebeurde het volgende…..
De rijweg waarlangs ik naar de bushalte liep was ongeveer acht meter breed en aan beide zijden bevond zich een tegelpad, niet zo netjes bestraat als bij ons,  maar rommelig met ongelijke tegels. Op dat tegelpad aan de overkant liep een broodmager oud vrouwtje. Ze steunde op haar wandelstok en schuifelde kromgebogen, voetje voor voetje vooruit.
Het was een zielig en treurig gezicht, temeer omdat wij dit hier in Holland niet meer gewend zijn.  In Holland rijdt iedereen die een beetje pijn voelt gelijk in een zwaar gesubsidieerd scootmobiel waarmee ze jou, wanneer je even niet oplet zomaar van de sokken rijden, uiteraard de goeden niet te na gesproken.
En onderwijl ik daar over na loop te denken, zie ik haar ineens vanuit mijn ooghoeken voorover vallen, plat met haar muizengezichtje op die vieze straat, zonder op tijd haar val te kunnen breken met haar handen, en blijft tot mijn schrik voor dood liggen. Ik rende naar de overkant waar nog een vrouw en een jonge jongen op dat zielige hoopje mens toe lopen. Ik knielde naast het hoofd van het vrouwtje neer en zag dat er bloed uit haar neus en wangen liep. Haar ogen waren dicht en ik vreesde het ergste. Voorzichtig probeerde ik haar hoofdje op te tillen om mijn opgevouwen vest er onder te leggen en toen ik dat deed, hoorde ik haar heel zachtjes kreunen en voelde ik mij opgelucht dat ze nog leefde. Nog steeds bleef ze doodstil liggen en ik zag en hoorde dat de jongen aan het bellen was. 112 hoorde ik hem zeggen….. ambulance, goddank er was professionele hulp onderweg. Het vrouwtje bewoog en probeerde overeind te komen maar dat lukte haar niet. Ze bleef het proberen tot ik besloot haar te helpen. Even later zat ze scheef overeind met haar beentjes dwars onder zich. Ze had hele broze dunne beentjes en haar beide knieën waren geschaafd. Ook probeerde ze steeds haar rok naar beneden te trekken  omdat ze voor schut zat, maar ook dat lukte haar niet omdat ze zelf op haar rok zat. Ik begreep dat ze zich geneerde en pakte mijn inmiddels beschikbare vest op en spreidde dat uit over haar beentjes zodat alles waarvoor zij zich blijkbaar schaamde bedekt was. Onderwijl ik daarmee bezig was, dreigde ze weer om te vallen en besloot ik om op mijn knieën achter haar te gaan zitten en haar stevig vast te houden.  Zo heb ik ongeveer een minuut of 10 gezeten voordat er eindelijk een ambulance arriveerde.
Zelf moest ik haar de ambulance in helpen, terwijl het personeel met de handen in de zakken stond toe te kijken met een smoelwerk van….hebben jullie ons daarvoor laten komen. Eenmaal in de ambulance waar ik haar via de zijdeur had ingedragen zonder hun hulp, wilden ze dat ik haar ook nog even op de brancard zou leggen, maar toen was voor mij de maat vol en riep ik luid en duidelijk, dat ze hun luie poten uit hun zak moesten halen en mij daarbij moesten  helpen. Ze haalden gelaten hun schouders op en ik begreep dat zulk soort mensen alleen in actie kwamen wanneer je zou dreigen met afnemen van hun Wodka.  Gelukkig is dat bij ons veel beter geregeld.
Even later sloegen ze de deur van de ambulance dicht en kon ik mijn weg weer vervolgen. Na een tiental meters draaide ik me nog één keer om en heb deze foto gemaakt van de ambulance.



















Wel heb ik die zelfde avond nog een paar keer aan haar moeten denken. Wat zal dat omaatje zich ongelukkig hebben gevoeld toen ze daar zo hulpeloos op  straat lag. Had ik niet wat minder gêne moeten voelen en haar wat liefdevoller moeten helpen door een arm om haar heen te slaan of een aaitje over haar knokige ruggetje. Maar nee zo zijn wij Hollanders niet, eigenlijk jammer want een beetje liefde voor een ander tonen kost niets. Het zal hopelijk nooit meer gebeuren maar als het wel gebeurt, heb ik mij voorgenomen om alle vooroordelen overboord te gooien en zo'n mensje liefdevol bij te staan waar het ook is, want één ding weet ik zeker, eenzamer kan een oud mens niet zijn als dat je daar alleen, met je gezicht op straat denkt dood te gaan op die smerige stoep.
De bus ging inderdaad helemaal tot aan de grens en zo was mijn dag weer om.
Zondag 26 juni    Yarodyn hotel
Links en rechts van de weg naar de grens bevonden zich moerasachtige poelen waar de plaatselijke bevolking kleine visjes uit ving. Dat was het eerste wat me opviel.  Zie de foto  













Over een onverharde weg tussen het moeras door liep ik het bos in, fototoestel bij de hand want wie weet wat je tegen kwam nietwaar. Er liep een soort karrenspoor door het bos en direct naast het karrenspoor lagen regelmatig boomstammen in lengtes van twee meter opgestapeld. Er werd dus geregeld gekapt en gezaagd in dat bos. Naast de boomstammen lagen steevast een aantal lege Wodka flessen, waar je duidelijk de conclusie uit kon trekken dat er waarschijnlijk verschillende houthakkers niet meer met één hand 5 bier konden bestellen. Ik wed dat wanneer er statiegeld op de Wodka flessen zou bestaan  je van de opbrengst van de weggegooide flessen de Titanic opnieuw zou kunnen bouwen en inrichten. Er was voor mij nog nooit één dag voorbij gegaan dat ik geen lege flessen tegenkwam, zelfs op de meest vreemde plaatsen breek je daar zowat je nek over. Maar goed ik had wat foto's genomen in dat bos en kwam al wandelend op een gegeven moment bij een spoorweg overgang terecht.
Deze werd bewaakt door een soldaat die mij meteen aanhield en naar mijn paspoort vroeg. Deze had ik niet bij mij, maar wel een oude identiteitskaart.
Mijn paspoort lag bij mijn andere papieren in mijn hotel en die nam ik sowieso niet bij elke gelegenheid mee. Dan zou hij misschien in de zakken van een nietszeggend ambtenaartje verdwijnen en moest ik het maar weer zien terug te krijgen. Wanneer ze wat van mij wilden, kon ik altijd mijn paspoort nog halen.
De soldaat spraak natuurlijk geen woord Frans, Duits of Engels, dus een miscommunicatie lag op de loer. Dus rustig blijven en geduldig afwachten en vooral geen aanleiding geven tot wat dan ook. De soldaat pakte zijn mobieltje en had een gesprek, onderwijl mij van opzij aan kijkend. Toen hij naar mij toe kwam lopen en iets vroeg, begreep ik dat hij zei… laat de foto's  eens zien die op je fototoestel hebt staan. Ik liet ze dus aan hem zien en terwijl hij knikte  sprak hij nog even verder door zijn telefoon. Toen maakte hij mij duidelijk dat ik  moest blijven wachten en ik dacht dat hij bedoelde dat er iemand onderweg was naar mij toe.  Oké ik berustte daar maar in, bovendien kon ik niets anders  ik moest toch even nergens anders heen.
Een kwartiertje later hoorde ik een auto aankomen, een oude Lada met ook een militair er in. Hij beval me in te stappen en weg waren we, weer op weg naar weet ik veel. De man achter het stuur vroeg in gebrekkig Engels, Rusland goed?
Ja ja zei ik, Rusland prima! Ja ik ga me daar tegen zo'n bijgochem in overheidsdienst zeggen dat ik Rusland naatje vindt. Domme vraag, maar dat zei mij genoeg over de persoon. Het was duidelijk het enige Engels wat hij geleerd had, want hij heeft de hele safari niets meer gezegd. Bovendien moest hij zich concentreren op dat geitenpad waarover hij reed, waar hij soms met ware doodsverachting op de gok door diepe plassen reed waar ik van dacht, daar komen we nooit meer uit, maar nee hoor alle respect voor de 'Lada' die zijn niet kapot te krijgen, of ze kunnen in dat soort landen uitstekend repareren dat kan ook natuurlijk. Ineens reden we het bos uit en herkende ik de weg naar de grens. We reden de hele rij wachtende auto's voorbij en kwamen volgens mij bij het hoofdkwartier van de grenspolitie terecht. Hier zou ongetwijfeld iemand zijn die Engels sprak hoopte ik. We gingen twee trappen op en daar werd ik in een klein kamertje geloodst, waar ik even moest wachten begreep ik. Ze zouden iemand halen die Engels sprak. Het duurde niet lang of er kwamen drie mensen binnen, natuurlijk met indrukwekkende uniformen met de daarbij behorende buitenmaatse petten. Één was inburgerkleding een jonge vrouw, dat bleek de tolk te zijn. De man vroeg mij wat ik daar in het bos te zoeken had en de vrouw vertaalde het gelijktijdig voor mij.  Ik dacht laat ik meteen maar met grof geschut beginnen, dus vertelde ik de vrouw dat ik in opdracht van de President van de Oekraïne, 5 dagen was ondergebracht in het Hotel Yaredien en dat ik op het Douane terrein stond met het precentje voor de president. Ik liet hen een foto zien van mijn combinatie op het parkeerterrein, met daarop de Riva.  Zie de foto hieronder.



















Ook liet ik hem meteen het telefoonnummer zien wat ik
had gekregen van die “Hotemetoot” die me naar het hotel had gebracht en zei, dat ze die meneer maar even moesten bellen, hij kon hun alles uitleggen. Ik drukte het nummer in op mijn Iphone  en gaf deze aan de hoge militair, Deze luisterde even en verontschuldigde zich begreep ik aan zijn schrik reactie, want wat hij zei werd niet door de dame vertaald. Hij gaf mij mijn telefoon terug en vroeg met een bleek vertrokken bekkie, of ze mij naar het hotel moesten terug brengen. Nou nee antwoordde ik, ik houd zoals u weet van wandelen dus ik loop wel terug. Ik werd netjes naar buiten begeleid en ondervond lijfelijk de enorme hiërarchische  invloed die in dat soort landen leeft. Hieronder toch nog een foto van dat bewuste bos.










Maandag 27 Juni hotel Yoradyn een beetje rond gehangen.
Dinsdag28 Juni  hotel Yoradyn
Woensdag 29 Juni.
Vertrokken vanaf de grens met begeleiding van een politiewagen voorop en achter me een SUV met twee gewapende bodyguards. Er was me verteld dat we in één ruk door naar Kiev zouden rijden, alleen voor een bakkie koffie werd  er even halt gemaakt. Rijtijden hebben ze hier nog nooit van gehoord, maar ik was  fit genoeg om die 600 km in één dag te rijden dus …kom maar op, gaan met die banaan. Over die reis naar Kiev valt eigenlijk niets meer te melden dat de weg beurtelings uitstekend en dan weer allerbelabberdst was, maar dat is jullie wel bekend.  's Avonds om 23.00 uur waren we  in Kiev met het hele circus en werd ik gelijk ondergebracht in het Hotel van de American football stadion daar, in de buurt van de haven waar de volgende morgen de boot zou worden gelost.
Donderdag 30 Juni Kiev
Om 07.30 uur werd ik opgehaald en naar mijn wagen terug gereden. Ze wezen mij de plaats waar ik het spul moest neerzetten. Een kraanwagen stond al op mij te wachten, de hijssingels gingen er onderdoor en even later kon ik er voorzichtig onderuit rijden. Hieronder een foto



Zie zo, nu alleen nog de papieren en de handtekeningen en wegwezen dacht ik. Lekker rustig terugrijden, maar dat rustig naar de grens rijden zat er niet in. Ik werd weer begeleid door de politie en die zouden ervoor zorgen dat ik 's avonds om 20.00 uur de Oekraïnse grens weer over was. Ze begeleidden me helemaal tot aan de grens en zo reden we de hele rij van 5 km vrachtauto's met  politie met zwaailichten op voorbij.  Ik kreeg zelfs nog hulp van een ambtenaar om de laatste papieren voor mij af te laten stempelen en zo stond ik pardoes aan de Poolse kant. Daar liep het ook redelijk vlot en kon ik die zelfde avond al een aardig stuk Polen in rijden. Ik stopte weer op de plek waar ik op de heenweg een potje Wobble had gespeeld met die jongens en heb daar de volgende morgen het spel met ze geruild voor een bak koffie. Zo hoefde ik het spel wat ik ze had beloofd niet  op te sturen. Een man een man, een woord een woord.
De volgende morgen ingestapt en lekker doorgereden tot die nacht 03.00 uur. Ja ja ik weet het, dat is een ietsje te lang doorgereden, maar ik werd gelukkig niet gecontroleerd, dus niets aan de hand. Een beetje desperado moet je als internationale trucker wel durven zijn vind ik.
Die Zaterdagmiddag was ik weer thuis en kon ik terugkijken op een geslaagde missie en ……beslist niet de laatste wed ik !
Zaterdag 25 Juni,  hotel Yagodyn                                                                          
Terug naar de index
Highway robbery
reactie van bezoekers deel 4
Terug naar index