Dit verhaal heb ik zo'n 20 jaar geleden geschreven, in een tijd dat je nog aan elke grens moest stoppen om je papieren in orde te maken.
Ik heb het verhaal zojuist weer opnieuw gelezen en ontdekte dat er op het open stellen van de grenzen na nog maar weinig veranderd is. Maar ik zou zeggen, oordeel zelf (en nu heb ik het tegen mijn collega's). En tegen alle andere lezers en aspirant chauffeurs zou ik willen zeggen lees het a.u.b. ook, want het geeft u een indringend beeld van de werkelijkheid over het werk wat deze mannen doen en wat ze zelf als vanzelfsprekend ervaren.
De keerzijde van de medaille. 26 Februari 1988
Ja daar liep ik nou net aan te denken, als men mij zou vragen waar ik de afgelopen week geweest was zou ik simpel antwoorden
. ik ben even naar Italië geweest, daar gelost en ook weer teruggeladen, toen in Zwitserland bijgeladen en Zaterdagmiddag was ik weer thuis. Nou leuk toch
..we gaan nu het echte plaatje bekijken.
Dinsdagmorgen een trailer gelost in Utrecht bij een bedrijf, daarna in Hoorn gelost. Op de Hoogovens mijn trailer geladen voor Italië, inmiddels was het 's middags 17.00 uur en toén begon de reis pas echt!
Probeer morgenmiddag aan de Italiaanse grens te staan word je te verstaan gegeven, anders kom ik met mijn planning niet uit laat de planner je met een stalen gezicht weten. Lekker gevoel is het dat, voordat je gaat rijden weet je al dat je daar morgen te laat aan komt, want je moet ook je negen rust uren maken en daar ben ik volgens de wegen en verkeerswet nu aan toe. Vanmorgen om 06.00 uur was ik begonnen dus reken maar uit, mijn negen werkuren zaten er al ruim op maar ja, wat is in dit geval wijsheid. Je bent een jonge kerel en nog lang niet toe aan je nachtrust dus niet zeuren, nieuwe kaart in je tacho en gaan.. Twee uurtjes later, ja ja toen hadden we ook al files, sta je voor een loketje in de rij aan de Hollands-Duitse grens (Berg autobaan) papieren maken en weer gaan. Wanneer je net weer twee uurtjes aan het rijden bent begint het op een stuk waar je aan het afdalen bent (de 61 richting Koblenz) hevig te sneeuwen. Je moet snelheid terug nemen om niet het tijdelijke met het eeuwige te verwisselen en na nog een uur begin je zo langzamerhand gallies te worden van de sneeuwvlokken die onophoudelijk op je afkomen. Ondertussen ben je al diverse keren opnieuw gaan rekenen wanneer en waar je je verplichtte rust moet gaat nemen waarvan je dan ook weer weet dat, wanneer je de volgende morgen wakker wordt het sowieso te laat is om nog op tijd aan de Italiaanse grens te komen. Toen ik de volgende ochtend Woensdag 27 Februari wakker werd zag ik dat het flink had doorgesneeuwd, maar inmiddels waren de strooiwagens en sneeuwschuivers al druk aan het werk geweest en kon je op de twee rechter banen goed doorrijden ( petje af voor deze sneeuw ruimers). Ik besloot meteen maar vierenhalf uur door te rijden dan kon ik wanneer ik stopte meteen even tanken. Zo gezegd zo gedaan. Op het tankstation kocht ik een fles drinken en een paar broodjes en trakteerde mezelf bovendien op een bak koffie. Daarvandaan reed ik in één keer door naar Bazel. Opnieuw mijn klok op rusten gezet, maar in werkelijkheid ga je je papieren in orde maken voor je transit door Zwitserland. Toen ik na een half uurtje klaar was met mijn papieren wat snel is voor Zwitserland, kreeg ik nog even een extra stempel op mijn loopbriefje, dat betekende dat ik mijn lading aan de Zwitserse kant moest laten controleren. Direct over de grens is de parkeerplaats, dus daar moest je met je trailer achteruit tegen de 'ramp' (laad en los dok) gaan staan, zodat de ambtenaar er gemakkelijk in kon stappen. Ik reed met een open trailer, geladen met 4 hydraulische kranen.. Eerst dus de trailer tegen de ramp zetten en daarna weer naar binnen om de ambtenaar te gaan zoeken die de controle moet uitvoeren. Dat betekent weer wachten voor een loket tot de ambtenaar zin heeft om mee naar buiten te gaan om de lading te controleren. Het blijkt een jong broekie te zijn met een Hitler brilletje, zo'n type waar je zeker van weet dat hij vroeger op school gepest is omdat hij een pleister op zijn bril had. Na me minachtend te hebben aan gekeken, ging hij met zichtbare tegenzin mee naar buiten want het was koud en het sneeuwde. Mijn achterklep was dicht en ongeveer 40 cm hoog, daar kon je zo overheen stappen dacht ik, nou deze jongen dus niet. Aufmachen beval hij autoritair. Ik stapte over de klep van de laadbak en vroeg hem, waarom. Anders moet ik er overheen stappen antwoordde hij! Nou dan stap je er toch overheen zei ik, dat doe ik toch ook en ik ben een keer zo oud als jij. Ik maak uit wat hier gebeurd en ik zeg je dat je die klep moet openmaken, ander wordt er niet geteld. Nu werd ik echt pissig en vroeg hem, wat moet jij dan tellen? Die vier kranen antwoordde de gek ijzerenheinig, Dat heb je bij deze dan toch gedaan, je ziet dat die vier kranen het enige is wat ik heb geladen! Ja maar ik moet ook nog de nummers van die kranen controleren! Ik had geen zin in een verdere discussie en nadat ik de trailer eerst een stukje naar voren had gereden maakte ik de achterklep open en reed deze daarna weer tegen de ramp. Is het zo goed voor meneer vroeg ik sarcastisch toen hij weer uit de luwte van de loods tevoorschijn was gekomen. Toen hij in de besneeuwde trailer stapte, dacht ik bij mijzelf, ik hoop dat je op je platte bek valt klootzak, maar ik hield me in omdat alles wat ik verkeerd zou zeggen alleen maar meer tijd zou gaan kosten ( een chauffeur moet over een ijzeren zelfbeheersing beschikken geloof mij maar). Hij stapte in de trailer en keek wat oppervlakkig naar de kranen die flink ondergesneeuwd waren. Hij waagde zich er niet aan de sneeuw weg te vegen zodat hij de nummers kon controleren, want dan moest hij zich tussen de besneeuwde kranen door worstelen (stel je voor zeg, dan werd zijn uniform misschien smerig!) Hij keurde me verder geen blik waardig, draaide zich om en liep haastig terug naar zijn bureau, nam daar plaats en ging nadat hij de documenten nauwkeurig had gerangschikt deze weer opnieuw uitgebreid bestuderen. Ik bleef rustig wachten en zag vervolgens dat hij weer van zijn bureau weg liep en geanimeerd met een collega ging praten. Er werd wat gelachen en naar mij gekeken. Ik zette mijn verstand op nul en wachtte rustig af. Ondertussen dacht ik bij mijzelf
oké jongen, je hebt het hier dan misschien voor het zeggen en je schept er zelf behagen in de mensen te treiteren, maar ik ben een vrije jongen zonder complexen en lekker onderweg in Europa en dit akkefietje ben ik morgen weer vergeten. Maar als jij 's morgens wakker wordt en in de spiegel kijkt, zie je nog steeds dat misbakseltje wat je gister was en morgen ook weer zal zijn en de rest van je stomme ambtenaren leven zal blijven. ( en geloof me dat soort gedachtes houden je op dat soort momenten op de been).
De minkukel kwam terug lopen, keek mij niet aan en gooide de documenten onbeschoft op de balie Hem keek ik ook niet aan, greep mijn papieren en maakte me uit de voeten, weg uit dat mierenneukers bolwerk, lekker terug de blije wijde wereld in. Tegen de middag ging het aan de andere kant van de Gorthard écht sneeuwen en moesten er kettingen worden omgelegd. Daarna vorderde ik nog maar langzaam, (de bijdehante planner zat nu lekker thuis aan de koffie!). De dag begon al op te schieten en bij Belizona Sud werden de wagens die naar de Italiaanse grens onderweg waren tegen gehouden, omdat de parkeerplaats in Chiasso vol stond, dus opnieuw in de wachtkamer. Twee uur later, het was inmiddels half acht en stikdonker, mochten we weer rijden. Na drie kwartier stond ik in Chiasso, daar stond de parkeer plaats weer vol. Morgen mocht ik pas de grens over, dus slapen dan maar. Het was nu net negen uur en geen restaurant in de buurt wat te belopen was, dus dan maar met honger naar bed, geeft niet ik moet toch een beetje afvallen De volgende morgen Donderdag 28 Februari weer vroeg uit de veren (wel lekker geslapen!) Aansluiten in de rij, wel ondertussen van hut naar her vliegen om je papieren in orde te maken. Tegen negen uur sta ik in de buurt van een klein eettentje waar ik een paar broodjes en een hete cappuccino kan bemachtigen. Eindelijk om tien uur rijd ik het douane terrein af, de berg op richting Como. Alles loopt lekker tot Milaan, daar strookt alles bij de betaal hokjes op maar dat is niets nieuws, bovendien begin ik er al aan te wennen dat ik overal moet wachten.Net voor de middag kom ik aan op het douane terrein in Bergamo. Ik lever daar mijn papieren in en de declarant belooft mij dat ik met een uurtje weer kan rijden. Er bevindt zich een restaurant op het douane terrein, ik dus blij. Ik schuif aan tafel bij een aantal andere chauffeurs geen Hollanders, alleen Italianen en wat andere buitenlanders. Het dienstertje duikt naast me op en raffelt in een razend tempo af wat er vandaag te krijgen is. Ik begrijp er écht helemaal niets van. Ze kijkt me geïrriteerd aan of ze zeggen wil, waarom spreek je geen Italiaans. Ik wijs naar het bord van mijn buurman en ze snapt het zowaar. Niet veel later krijg ik mijn spaghetti, maar de bolognaise is even anders als wat ik me er van had voorgesteld. Het smaakte alsof het was gemaakt van de inhoud van een kwispedoor. Ik zelf pruim en rook niet dus die smaak vind ik smerig. Maar niet zeuren en door eten, tenslotte is de spaghetti in Italië een voorgerecht dus het lekkerste moest nog komen. Wanneer ik de spaghetti op heb komt ze weer langs en raffelt nu alle hoofdgerechten af. In de gauwigheid meen ik het woord schnitzel te herkennen en bestel dat in de hoop dat het dat ook is. Niet veel later komt ze terug met twee in de lengte doorgesneden worstjes welke zo te zien stevig zijn doorgebakken. Ze blijken brem zout te zijn en onverteerbaar. Ik drink dientengevolge bijna de hele karaf water leeg die op tafel staat en bestel daarna een kop cappuccino waar ik zeker van weet dat het goed is. Intussen zit ik tussen twee straffe rokers ingeklemd en mag gratis mee roken, een rookvrije zone is een Fictie in deze truckers wereld, maar laat ik daar maar over zwijgen, want ik heb zelf twintig jaar iedereen laten meeroken!! Toch word ik het gauw zat en stap op naar de bar waar ik nog een koffie bestel en gelijk alles afreken. Ik ga terug naar mijn truck, want daar zou de declarant om één uur zijn met mijn papieren. Hij verschijnt om twee uur wat mij nog mee valt. Ik rijd snel naar mijn los adres wat slechts 15 min verderop in Albino ligt. Daar word ik redelijk snel gelost en krijg ik er gelijk weer een kraan op voor IJmuiden waar de importeur zit van deze kranen (Pfalfinger). Na veel heen en weer gepraat (in het Engels) krijg ik het voor elkaar dat mijn T-document in Bergamo gemaakt wordt en kan ik vanavond misschien nog over de grens komen in Chiasso, maar het hek van de parkeerplaats gaat daar om negen uur definitief dicht en ik ben voor die dag uitgereden. Gelukkig bevindt zich halverwege de afdaling een restaurant. Deze draait volledig en uitsluitend op de daar wachtende chauffeurs en om kwart over negen zit het daar stamp vol. Ik zit daar aan tafel met nog twee Hollanders en een Belg. Die Belg sprak zo onduidelijk Hollands, dat ik moeite had hem te verstaan en niet precies wist wanneer ik ja of nee moest zeggen of knikken. De beide Hollanders waren iets ouder dan ik en reden al een eeuwigheid op Italië, dus die spraken nergens anders over, een goed gesprek was dus uitgesloten.
Ik maakte wel gebruik van hun kennis van de Italiaanse keuken om wat lekkers te bestellen en at die avond dus lekkere dingen wat een hoop goed maakte. Na het eten en de koffie ging het restaurant meteen dicht. We liepen terug naar de wagens en wensten elkaar een goede nacht. De volgende morgen Vrijdag 1 Maart, 's morgens om 05,30 uur kwam het hele circus weer in beweging en moest je paraat staan om aan te sluiten in de rij net als gister maar dan anders. Om acht uur reed ik Zwitserland binnen, mooi op tijd dus. Ik moest in Lugano bijladen voor Nieuwekerk aan de IJssel, enkele Winsen en nog wat losse onderdelen was me verteld. De Winsen zaten toen ik op het laadadres aan kwam nog met bouten vast op een ponton waarmee een pijpleiding was gelegd met een lengte van 18 kilometer dwars over, of eigenlijk onder het meer van Lugano. Die namiddag om 17.00 uur heb ik de Winsen er op staan. Ik ben nu veel te zwaar geladen om verder door Zwitserland te gaan, dus moet ik verder met de trein waar ik mee naar Freiburg ga in Duitsland, Daar mag je wel rijden met zware voertuigen.
Ik sta inmiddels op de platte wagon met achter me ook alweer een aantal vrachtwagens. Er liep een kerel rond in zo'n spoorweg pakkie en aan zijn tronie te zien had hij net een fles azijn leeg gezopen. Hij kwam aanlopen en beval me in het Duits dat ik de spoorweg keggen voor mijn wielen moest leggen. Ik vroeg hem, kan jij dat niet voor me doen voor die 750 Franken (geintje weet je wel!) maar nee hoor niet bij hem
Als het je niet aanstaat moet je er ook niet op gaan staan zegt de gek bloedserieus. Zaterdag morgen 2 Maart staat de trein in Freiburg stil en mag ik er afrijden, achteruit over een aantal hobbelige verbindingen van de wagons.
Maar hoe ging het gisteravond eigenlijk verder. Wel, ik had gehoord dat je om negen uur in de slaapwagon moest zijn, die wagon zat ergens tussen de trein en je moest je eigen slaapzak meenemen. Ik bleef dus lekker in mijn warme cabine zitten tot het kwart voor acht was en wat denk je, ik wilde net van de wagon afspringen met mijn slaapzak in mijn armen, begint de trein ineens te rijden, eerst een harde schok en ja hoor toen begon hij echt te rijden. Ik als een haas terug mijn cabine in geklauwd in afwachting wat er verder ging gebeuren. De trein reed een paar kilometer en stopte toen op een groot rangeer terrein met naar mijn gevoel wel honderden wissels en rails. Ik durfde niet meer uit te stappen om naar de slaap wagon te lopen, stel je voor dat die idioot weer zou gaan rijden en ik er zeker achteraan rennen met mijn slaapzak onder mijn arm!. Nee ik besluit lekker in mijn cabine te blijven en als ze willen dat ik naar de slaapwagon ga dan komen ze mij maar halen, ik verzet geen poot meer. Ik kleedde me uit, kroop lekker in mijn mandje en de stand kachel op 10, bekijk het maar. Midden in de nacht werd ik wakker, we reden door een tunnel en het geluid van de trein werd daarin vertienvoudigd. Toen we de tunnel uitkwamen keek ik naar buiten en ontdekte dat we hoog in de bergen traag een helling op reden. Beneden zag ik in de heldere nacht prachtig verlichtte dorpjes liggen. Zeker een half uur heb ik zitten kijken naar het prachtige nacht landschap, maar toen ik merkte dat ik steen koud werd, ben ik weer lekker onder de wol gekropen. In Basel werd ik opnieuw wakker van het rangeren, er kwam een andere locomotief voor met het gevolg dat de trein voor mij toen achteruit reed. Het vervelende was dat mijn stand kachel niet meer wilde starten omdat er te veel luchtdruk op de achterkant van mijn cabine stond waar de uitlaat van de stand kachel zat. Van armoede heb ik er een deken bij genomen, mijn motor gestart waarvan ik denk dat het tegen alle regels was maar vooruit, even later was het weer warm in de cabine. De volgende morgen dus in Freiburg, er daar achteruit afgereden, papieren opgehaald en rijden van het station Freiburg naar de autobaan Basel/ Karlsruhe. De binnenwegen waren besneeuwd, maar de autobaan was mooi schoon, twee uur doorgereden tot Karlsruhe, daar wat gegeten en daarna weer doorgereden en inmiddels sta ik tussen Keulen en Dusseldorf op een parkeer plaats dit laatste stukje te schijven in mijn pauze, nog maar drie en een half uur en ik ben weer terug op de werf in IJmuiden. Dan nog even afkoppelen afrekenen en dan mag ik naar huis om nog een klein stukje van de vrije zaterdag te genieten. Hoe ging het
.. zal de planner dan vragen en ik zal antwoorden
.. lekker hoor. Nu alleen nog even deze serieuze vraag aan jou jongeman! Wilde je nog chauffeur worden, stop dit verhaaltje dan even in je rugzak en neem het mee wanneer je definitief gaat beslissen om het mooie beroep van chauffeur te gaan uitoefenen. Goede reis mannen.
.