Truckerslatijn  Februari
Vanuit Italië op weg naar de Brennerpas
Toen was de maat vol!
(Istanbul)
(Genua)
(Friedrichshafen)
Genua
Genua
Op elkaar geladen
Slimme zet
Genua.
                                                              Genua Juni 1982                                                        

Het was die dag prachtig weer in Genua. Ik stond op het douane terrein                                         in de haven te wachten totdat ik mijn lading mocht gaan lossen.  
Er werd weer eens gestaakt en het kon nog wel even duren voordat het zo ver zou zijn.
Echt erg vond ik dat niet, het was mooi weer en Genua is geen verkeerde stad om te moeten wachten. Ik had een goed humeur en was van plan rustig af te wachten tot de staking voorbij was.
Daar in de haven van Genua, woonde in die tijd een Duitser (Helmut) die je overal mee wilde helpen. Hij sprak goed Italiaans en was van alle zaken op de hoogte.
Daar maakten de chauffeurs dankbaar gebruik van en ook ik had hem gevraagd waar je in de buurt lekker kon eten.
Hij gaf me een goed adres en ik begaf me nadat ik de cabine goed had afgesloten op weg de stad in.

Het was lekker weer en ik keek mijn ogen uit op de gezellige boulevard, waar allerlei koopwaar op kleedjes lag uitgestald.
Er lagen mooie kettingen, ringen en andere snuisterijen. Ik stond even stil voor zo'n uitstalling en voelde het zonnetje lekker in mijn nek prikken, toen ik ineens een enorme opduvel kreeg van een paar langs rennende jongens.
Ik kon me nog maar net staande houden en stond nog op één been te wankelen, toen er een andere jongen razend snel mijn portemonnee uit mijn achterzak griste en deze met een boog overgooide naar een andere voorbij snellende jongen…. Ik nam een snoekduik naar de dief en greep hem vast bij zijn colbertjasje, deze laat ik nooit meer los flitste het door me heen.
Maar voor ik wist wat er gebeurde had de jongen zich al uit het colbert gewrongen en lag ik op straat met enkel zijn colbertje in mijn hand.
Ik sprong overeind en zette de achtervolging in.

De jongens verdwenen door een smalle steeg naar het 'straatje van alles' wat parallel loopt achter de haven boulevard.  Ik spurtte er achteraan onderwijl luid schreeuwend .. bandiet!! houd de dief…. houd de dief!!
Al snel werd ik ingesloten door een groep andere jongens en voelde ik een mes in mijn zij prikken.
Ik stond als aan de grond genageld en gaf de achtervolging onmiddellijk op.
De mensen weken weer uiteen en daar stond ik, hulpeloos om me heen te kijken. Het leven ging weer gewoon door, of dat er niets was gebeurd.
Sommige mensen keken me zelfs met verwijtende blikken aan, of dat ze wilden zeggen, man….. waar maak jij je druk om.
Het kriebelde in mijn zij en ik zag bloed door mijn T-shirt komen. Gelukkig viel de schade mee en kon ik het met een zakdoek stoppen. Niet veel later stond ik op het politie bureau en kreeg daar een eerste hulp behandeling.
Het colbert had ik daar afgegeven voor onderzoek De zakken waren op een half pakje sigaretten na, net zo leeg als de kluis van een kleine zelfstandige die net bezoek heeft gehad van een belasting ambtenaar en verder kon je ook nergens uit op maken aan wie het had toebehoord  ( professionals dus).
Na nog wat formaliteiten te hebben afgehandeld, liep ik ontgoocheld terug naar mijn truck. Nog steeds had ik een hongerig gevoel in mijn maag,  maar ik had mijn lesje geleerd, nooit te koop lopen met je portemonnee ook niet als deze aan  een truttig kettinkje vast zit, want dat helpt dus allemaal niet wanneer ze het met geweld van je afpakken. Met schade en schande wordt men wijs nietwaar!

Die avond ging ik vroeg naar bed. Ik had nog wat Frans en Hollands geld over,  net genoeg om mee thuis te komen.
Goddank kon ik de Franse autoroute en de Montblanc tunnel met mijn Shell kaart betalen, anders was ik helemaal in de aap gelogeerd geweest.
Het duurde heel lang voor ik die avond eindelijk in slaap viel, allerlei gedachten spookten door mijn hoofd maar uiteindelijk ben ik toch in slaap gevallen.

De volgende morgen was ik weer vroeg wakker. Het was ongeveer half zes en  buiten was het al licht.
Ik bleef wat soezerig op bed liggen, het had geen zin om er al zo vroeg uit te gaan. Opnieuw lag ik na te denken over die rot streek die ze me gistermiddag hadden geleverd.
Toen ik besloot om me nog een keer om te draaien, voelde ik ineens de cabine zachtjes bewegen, net of er iemand voorzichtig op de tree plank ging staan. Mijn adem stokte in mijn keel en ik pakte de krikstang die altijd naast me in bed gereed lag, strekte mijn rechter arm, sloot mijn ogen en keek door de kiertjes naar het rechter zij raam wat open stond, maar waar het gordijntje wel voor hing.
Ik zag het gordijn langzaam opbollen en ik wist dat het een hoofd was van een bandiet die mijn spullen probeerde te stelen via mijn zij raam
Ik kon me maar met moeite beheersen om er niet meteen boven op te rammen, maar ik besefte wanneer ik dat zou doen, ik hem ( ik ging er van uit dat het een man was ) misschien wel dood zou slaan en dan zou  ik pas echt in moeilijk heden geraken. Ik wachtte dus gelaten af wat hij zo doen.
Er verscheen inderdaad een kop van een man vanonder het gordijntje, wat nu als een hoofddoekje om zijn hoofd hing. Hij bracht uiterst voorzichtig zijn rechter hand naar de motorkap waarop mijn spijkerbroek opgevouwen lag Het was duidelijk zijn bedoeling deze te stelen. Hij ging er al van uit dat zich daarin ongetwijfeld een portemonnee zou bevinden.
Ik wachtte gespannen af toen hij ook zijn bovenlichaam uiterst voorzichtig naar binnen schoof en zijn hand uitstak om de broek te pakken. Toen veerde ik als door een springveer afgeschoten overeind en sloeg met al mijn kracht, haat en frustratie van de vorige dag de ijzeren stang boven op zijn hand. Ik hoorde duidelijk wat kraken en de man brulde het uit van de pijn, onderwijl hij zich bliksem snel achteruit het raam uit werkte en vervolgens  naar beneden viel.

Ik sprong hem achter na met de staaf nog in mijn hand om hem in zijn kraag te grijpen, maar de man was watervlug en zette het op een lopen, terwijl hij zijn gekwetste hand ondersteunde met zijn andere hand.
Ik rende er achteraan in mijn onderbroekje onderwijl schreeuwend….. houd de dief…. houd de dief. Vlakbij stond iemand van de Financa (douane politie) op wacht die dit alles geamuseerd stond te bekijken, maar verder geen aanstalten maakte om er iets tegen te doen.
Zomaar ineens was de bandiet verdwenen. Ik stopte de achtervolging en liep met een eigenaardig gevoel van voldoening terug naar mijn truck, waar ik na nog wat nahijgen weer achterover op mijn bed ging liggen met wonder wel een tevreden gevoel.
Ik had toch het gevoel dat ik wraak had kunnen nemen op die bandieten van gisteren.
Ik heb van pure armoede maar een blik ham gestolen van mijn eigen lading en kon me zodoende gedurende de gehele terug reis voeden.
Thuisgekomen had ik nog meer dan drie kwart van de ingeblikte ham over. Voorlopig kon ik geen ham meer zien dat begrijp je wel.

Ik had geen prettige herinnering aan deze reis, maar ik wist dat er ergens in Genua een Italiaan rond liep, die ook geen goede herinnering had aan een Hollandse chauffeur omdat deze bij hem een blijvend litteken had achtergelaten.

.
En ik ben er zeker van dat ik de enige Hollander ben die een rechtshandige Italiaan links handig heeft gemaakt,  capice!

Arrivederci   Genua
Slimme zet.                                    

Het volgende gebeurde me onlangs in Friedrichshafen aan de Bodensee.
Mijn collega en ik waren gelijktijdig gelost op het tentoonstelling terrein aldaar en kregen toen beiden de opdracht om naar Noorwegen te gaan om daar een boot te laden in Arendal.  
Deze boten waren voor die zelfde tentoonstelling in Friedrichshafen bestemd.
Zodoende was het nuttig en praktisch, wanneer we de vrachtwagens op elkaar zouden zetten .
Dat bood meerdere voordelen want je kon dan met twee chauffeurs doorrijden en het was bovendien veel goedkoper op de ferry, met één geladen wagen in plaats van twee lege omdat je het aantal meters moet betalen die je met je wagen in beslag neemt.

Ik liet daarom mijn aanhanger op mijn motorwagen zetten met de kraan die mijn boot had gelost en hoefde toen alleen nog maar met mijn motorwagen op de trailer van mijn collega te rijden. De kraan kon het hele spul niet op de trailer hijsen daar voor was het te zwaar.

Meestal zoeken we dan een station, waar ik vanaf  het laad perron op de trailer kan rijden, die met zijn achterkant tegen het laadperron gaat staan .
Na wat vragen en zoeken stonden we even later dus op het goederen station van de 'Bundes Bahn' in Friedrichshafen.
Mijn collega reed geroutineerd de trailer achteruit tegen het perron en ik reed vooruit via de oprit het perron op, om vervolgens achteruit de trailer op te rijden. Het geheel nam amper een paar minuten in beslag.  

We liepen al weer naast de trailer om de wagen met kettingen vast te sjorren,  toen er een opgewonden mannetje aan kwam dribbelen in een spoorweg uniform. Hij schreeuwde al van verre…. hè, hè wat moet dat daar, dit is privé terrein van de 'Bundes Bahn', u mag hier helemaal niet komen.  
Ik beduidde mijn collega stil te zijn,  liep op de man af en zei….. ho ho maak je niet zo druk man, we mogen  hier toch wel even onze wagens van elkaar afrijden, we kunnen dat hier nergens anders doen.
Nee, nee en nog eens néé, daar komt niets van in,.
Wegwezen dit is privé terrein van de 'Bundes Bahn',  jullie mogen hier niet eens het terrein op rijden, laat staan dat ik jullie het perron op laat rijden. Als we daar eenmaal aan gaan beginnen is het eind zoek
Inpakken en wegwezen anders haal ik de Polizei er bij .

De man begon rood aan te lopen en als de situatie niet zo belachelijk was geweest had ik waarschijnlijk medelijden met hem gehad.
Ga onmiddellijk van dit terrein af,  zoek maar een andere plek om die truck er af te rijden …. Schiet op wegwezen.

Ja maar …. probeerde ik nog. Niks te maren, wegwezen riep de man autoritair. Oké dan gaan we wel een andere plek zoeken, maar we mogen hem wel weer even opnieuw vast maken hè, anders gebeuren er ongelukken. Ja, je doet maar zei de man, als je er maar niet af rijdt….. begrepen!

Dat hadden we goed begrepen en de man zal wel nooit begrepen hebben waarom wij hem even later luid lachend gedag zwaaiden.
Het spreekwoord zegt het al…. Wie niet sterk is moet slim zijn ….
Ja Toch!
                                                       Istanbul zomer 1985

En toen……was de maat vol!  
                 
Daar zit je dan met je zure balletjes gezicht, je vrachtwagen staat op de vluchtstrook en het regent pijpenstelen.
Naast je op de bijrijderstoel zit voor de zoveelste keer een smeris die wat van je wil….. smeergeld. Ik word daar zo langzamerhand dood en dood ziek van, altijd is het weer een Turks uniform die wat van je wil, geld, sigaretten, vul het zelf maar in.
Of het nou politie of douane is, altijd willen ze weer wat van je hebben en maken op die manier misbruik van hun positie ( machtsmisbruik).
Er heeft eens een Turkse vriend tegen mij gezegd, dat een Turkse crimineel makkelijk te herkennen is. Hij draagt namelijk altijd een uniform verzekerde hij mij. Ik heb er toen hartelijk om gelachen maar nu weet ik wel beter, hij had er geen woord aan gelogen.
Zelfs wanneer je papieren duizend procent in orde zijn, moet je deze “heren” evengoed betalen om je papieren weer terug te krijgen.
Kun je je voorstellen dat je daar een keer helemaal gallies van wordt ?
Nou, ik werd het tenminste wel en zo ver was het nu ook weer gekomen.
Wat was er gebeurd?.....Nou dat zal ik even uitleggen het begon zo……


Ik reed luid zingend Istanbul uit richting Edirne, dus richting huis vandaar dat zingen.
Het regende pijpen stelen, je weet wel zo hard dat je de druppels van het asfalt op ziet spatten. Het was al behoorlijk donker voor de tijd van de dag en ik verplaatste me in een enorme wolk van regen op de tweede baan van de vier baan's autoweg waarop je Istanbul verlaat richting Edirne.
Ik reed op de tweede baan omdat de eerste baan als regel werd gebruikt door het wat langzamere verkeer zoals hoog opgeladen vrachtwagentjes, driewielers die zich met een slakken gangetje voortbewogen. Je kwam er zelfs af en toe een verdwaalde fietser tegen.
Kortom een plaats waar je niet goed kon door rijden maar dat gaf niet, er lagen zoals gezegd vier banen dus ik had ruimte genoeg.
Ik zelf was leeg en reed met een trekker met oplegger (semi dieplader) De diep lader had een hoge zwanen hals en een behoorlijk lage laadvloer van een meter of negen lang (ingeschoven). En vanaf de grond nog geen veertig centimeter hoog.
Wanneer je niet goed op zou letten en je zou door mij worden ingehaald zou je wanneer ik er met de zwanen hals voorbij was denken, dat ik er helemaal voorbij was. Zou je dan naar links gaan om achter mij in te voegen dan knalde je geheid tegen mijn lage trailer met alle gevolgen van dien!
En dat was nou precies wat er gebeurde!. Er reed een 'Opel Ascona' op de eerste baan en wilde achter mij invoegen. Hij zag de lage laadvloer niet en knalde met zijn linkerkant vol tegen de trailer, schoof vervolgens zonder iemand te raken helemaal door tot de vluchtstrook en bleef daar staan.
Ik zag het gebeuren in mijn rechter buitenspiegel en dacht, ik zal daar zelf geen schade van hebben hooguit een beetje verf van de trailer, maar daar lig ik niet wakker van, dus ik reed door 'eigen schuld dikke bult'.

Maar zo makkelijk kwam ik daar dus niet van af. Nog geen vijf minuten later werd ik ingehaald en ingesloten door drie luxe wagens waaronder de Opel Ascona.
Ze dwongen me te stoppen door me in te sluiten en voor me te gaan remmen. Ik kon makkelijk gas geven en over ze heen walsen, maar daar laat ik me natuurlijk niet toe verleiden, want dan heb je de poppen pas goed aan het dansen.

Ik stopte, stapte kwaad uit, maar stond direct tegenover zes fors uit de kluiten gewassen Turken, die zonder omhaal onmiddellijk duizend mark van mij verlangden voor de schade aan de Opel die ik volgens hun zeggen opzettelijk van de weg zou hebben gedrukt.
Ze spraken allemaal goed Duits, dus het lag voor de hand dat ik hier met een paar Turkse gastarbeiders te maken had die hun budget wat wilden opkrikken voor hun vakantie hier in Istanbul.
En dat zou bij deze ongetwijfeld schijterige Hollander wel lukken. Ze hadden volgens mij de verdeelsleutel al besproken. Alleen hadden ze zich in die schijterige Hollander vergist.

Deze was het gesol al een tijdje spuug zat! Ik was dan ook niet van plan om ook maar één dubbeltje te betalen aan deze gasten. Ik maakte ze dat dan ook zonder omhaal duidelijk, waarop ze op hun beurt dreigden de politie er bij te halen en dan zouden de  kosten alleen maar meer worden werd mij duidelijk gemaakt.
Dat moeten jullie dan maar doen antwoordde  ik opgefokt. Al haal je “Atatürk” er zelf bij ik betaal niets, nu niet en nooit niet. Ik draaide me om, ging in de cabine zitten en sloot de deuren.
Ik keek woest naar buiten waar de druppels met geraas op de motorkap van mijn Scania kletterden

De Turken keken me verbaasd na en gingen opnieuw in conclaaf. Niet veel later vertrokken er twee, ongetwijfeld om politie te halen.
Het zal me wel weer een vermogen gaan kosten om hier vandaan te geraken dacht ik depressief. Ik moet waarschijnlijk niet alleen die oplichters betalen, maar ook nog die smeris.
Maar goed ik wachtte af, ik had 'A' gezegd en zou nu ook 'B' moeten zeggen, er zat niets anders op besloot ik moedeloos.

Ik zat me natuurlijk wel op te vreten van de ingehouden woede dat spreekt vanzelf.
Een kwartier later waren de twee mannen weer terug met in hun kielzog een politie wagen. Ik bleef in mijn cabine zitten en wachtte gelaten af wat er ging gebeuren
De smeris stapte uit en liep door de stromende regen naar de rechter zij kant van de trailer. In de verregende buitenspiegel zag ik dat hij de zijkant van de trailer inspecteerde. De zes mannen stonden er druk gebarend omheen, inmiddels ook drijfnat geregend maar dat hadden ze er wel voor over, ze rekenden immers op een vette buit.
Ik zag dat ze heftig met de agent stonden te discussiëren, maar deze luisterde amper naar ze. Hij liep naar de Opel om de schade te bekijken, maar was daar snel mee klaar en stevende toen linéa recta op mijn cabine af.
Ik opende de deur aan de bijrijders kant voor hem maar hij bleef buiten in de regen staan.
De Turken hadden zich opdringerig om hem heen verzameld en protesteerden luidruchtig, maar hij beval dat ze zich moesten verwijderen. Toen daar niet op werd gereageerd, nam hij een dreigende houding aan waar ze zo van schrokken dat ze met hun staart tussen hun benen maakten dat ze weg kwamen.
Ik viel van verbazing haast van mijn stoel en kon aanvankelijk mijn ogen niet geloven.
Nu stapte de agent wél de cabine in en knikte mij vriendelijk toe, zei iets in het Turks waar ik geen chocola van kon maken en maakte hem dat ook duidelijk.
Hij probeerde het nogmaals maar ik begreep hem écht niet, dat wil zeggen ik begreep hem donders goed al sprak ik geen Turks, maar zijn boodschap was duidelijk genoeg daar had ik geen tolk voor nodig.
Hij hield net niet zijn hand op, maar zijn vragende blik sprak boekdelen.
Ik was dus van de regen in de drup geraakt.

Maar goed zo begon het verhaal dus, weet je nog?
Ik zat dus weer opgescheept met een corrupte smeris die alle mededingers had  weggestuurd en nu alles voor zichzelf wilde hebben.
Als je logisch redeneerde zou ik blij moeten zijn dat hij het zo voor mij had geregeld omdat het me nu niet zó veel zou gaan kosten.

Deze gasten hadden het bietsen tot een kunst verheven. Maar ik was nu even niet van plan om deze kunstenaar voor zijn optreden te belonen.

De man zat naast me en ik keek over mijn stuur naar buiten. Ik zag hoe de regen op mijn motorkap opspatte en op het asfalt zag ik kleine riviertjes lopen die troep met zich mee voeren op hun weg naar beneden, ik stond namelijk op een helling en ik dacht mistroostig bij me zelf, dit is zo ongeveer de plek waar die smeris thuis hoort, in de goot tussen die troep.

Het is toch om misselijk van te worden, om een hardwerkende chauffeur steeds weer opnieuw van zijn geld te beroven. Je kan wel op je vingers natellen dat ik niet elke keer opnieuw bij mijn baas kan blijven aankloppen als ik weer eens beroofd ben door een Turkse smeris. Er viel door mij ook niets te bewijzen, want je dacht toch niet dat ik een bonnetje kreeg hè.
Dit alles zat ik voor me uit starend te overdenken.
De smeris zat nog steeds naast me en ik voelde dat hij naar mij zat te kijken, maar ik verdomde het om mijn hoofd te draaien om ook hém aan te kijken. Ik keek strak voor me uit naar de regendruppels op mijn motor kap en nam me zelf voor, al moet ik hier een week zitten, het is nu mooi genoeg geweest.
Ik betaal hem Nada, Niënte, Nothing, Basta, ik stop er nu écht mee wat er ook van komt.

Zo gingen er wel vijf minuten voorbij zonder dat iemand iets zei en we keken inmiddels allebei naar buiten. Nooit eerder heb ik zo iets belachelijks mee gemaakt. De man ging nu ook nog nadrukkelijk zitten kuchen en ik begon onwillekeurig te gapen,
Zo gingen er nog vijf eindeloze minuten voorbij zonder dat er een woord werd gewisseld
Ik begon al te wanhopen en me af te vragen waar ik in Gods naam mee bezig was, toen de man plots met een woeste kreet op sprong, me vernietigend aan keek en een serie ongetwijfeld gore verwensingen naar mijn hoofd slingerde. Daarna trok hij met geweld de deur open en sprong met een luide schreeuw van onmacht uit de cabine en voor ik er goed en wel erg in had zag ik hem met opgeheven vuist in zijn auto kruipen. Hij reed zonder op het verkeer te letten de snel weg op, waar het doorgaande verkeer hem maar op een haartje na kon ontwijken.
Hij scheurde door een wolk van water en nadat hij uit het zicht verdwenen was,   durfde ik pas opgelucht adem te halen,
Het leek wel of er een zware last van mijn schouder viel en ik kreeg zowaar weer hoop dat het dit keer met een sisser was afgelopen.
Wat die smeris precies bij zich zelf heeft gedacht zal ik wel nooit weten …. maar dat hij een kwartier naast de meest koppige Hollander heeft gezeten…. zal hij wel nooit meer vergeten.  
Ik startte voorzichtig mijn vrachtwagen en reed uiterst voorzichtig weg, om daarna opnieuw op de tweede baan in te voegen en verhoogde toen pas mijn snelheid, harder, harder, ging het tot ik zo hard reed als ik maar kon.  
In mijn hoofd zette ik een liedje in wat ik even later hard op uitbrulde…”.oe, oe oe oerend hard kwamen zij daar aan gescheurd, oe oe oe oerendhard en dit keer werd ik nie  iet bekeurd”.
Ik weet het, het klinkt lullig maar ik kan je verzekeren dat ik er aardig van opknapte. Want laten we eerlijk wezen dit is toch niet normaal?

          Oké, doe mij maar een potje Grols, dat is tenminste wel “Normaal”

Terug naar verhalen index
Terug naar verhalen index